Mr Th.R. Ludwig
Rechtbank Rotterdam
Prognose, zorgplicht, franchisecontract
Mr. D.L. van Dam - Franchise advocaat
In deze rubriek is in de loop der tijd wel vaker geschreven over het belang van een goede voorbereiding alvorens met een franchisevestiging wordt gestart. Voor een franchisenemer, en veelal met name zijn financierende bank, is het van groot belang te weten hoe het bedrijfseconomisch perspectief van de vestiging in casu er op korte en ook langere termijn uitziet. Daartoe worden door franchisegevers aan franchisenemers nogal eens omzet- en resultaatsprognoses verstrekt, die, ingevolge vaste rechtspraak, dienen te berusten op een zorgvuldig uitgevoerd markt- en vestigingsplaatsonderzoek.
Mr Th.R. Ludwig
Artikel van Mr Th.R. Ludwig,
gepubliceerd in De Nationale Franchisegids, eerste editie, eerste druk, 2002
Inleiding
Mr Th.R. Ludwig
Naar aanleiding van de serie’ kernverplichtingen in de franchiserelatie’ is een aantal vragen gerezen. Is er met betrekking tot ondeugdelijke informatieverstrekking in de pré-contractuele fase door de franchisegever aan de franchisenemer sprake van risico-aansprakelijkheid? Winnen franchisegevers eigenlijk wel eens een zaak waarin dit onderwerp speelt? Heeft het voor de franchisegever zin geen prognoses meer te verstrekken? Deze en andere vragen worden in dit artikel behandeld.
CRITERIA
Mr Th.R. Ludwig
Dit is het tweede artikel in een korte serie inzake enige kernverplichtingen in de relatie tussen franchisegever en franchisenemer en de aanpak daarvan. In de vorige editie van dit blad is het onderwerp informatieverstrekking behandeld, waarbij onder meer aan de orde is gekomen dat omzet- en resultaatsprognoses op deugdelijke grondslagen dienen te zijn gebaseerd. Deze keer wordt ingegaan op beperking van aansprakelijkheid bij verstrekte prognoses (exoneratie). In het volgende en laatste artikel zal worden ingegaan op geschillenbeslechting, waaronder mediation.
Mr Th. R. Ludwig
Dit is het eerste artikel in een korte serie inzake enige kernverplichtingen in de relatie tussen franchisegever en franchisenemer en de aanpak daarvan. Achtereenvolgens zullen de onderwerpen informatieverstrekking, vrijtekening tegen aansprakelijkheid bij verstrekte prognoses (exoneratie) en geschillenbeslechting, waaronder mediation, worden behandeld. De schrijver komt tevens tot enkele voorstellen die informatieverstrekking, beperking van aansprakelijkheid bij verstrekte prognoses en conflicthantering in de toekomst nader beogen te reguleren.
Mr P.H. Huth - Franchise advocaat
Een onderneming starten op basis van "franchising" is in. Dit is ook niet verwonderlijk, immers als startend ondernemer heeft het zeker een aantal voordelen om onder een beproefd franchise concept een onderneming te exploiteren. Hieronder volgen zeven punten die de aspirant franchisenemer mijns inziens in ieder geval in acht dient te nemen, vóórdat hij met een franchisegever in zee gaat.
Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat
Onlangs heeft ons hoogste rechtscollege, de Hoge Raad, zich uitgelaten omtrent de vraag of en in hoeverre tegenvallende bezoekersaantallen in een winkelcentrum een omstandigheid zijn die, kort gezegd, voor rekening van de verhuurder/eigenaar van het winkelcentrum dienen te komen of dat deze voor rekening van de gedupeerde huurders dienen te blijven. Het lijdend voorwerp in deze casus was, niet voor de eerste keer, het winkelcentrum Amicitia te Amersfoort, waaromtrent wel vaker is geprocedeerd.
Mr M.S.J. Steenhuis - Franchise advocaat
Al herhaalde malen is in deze artikelenreeks ter sprake gekomen het arrest van de Hoge Raad van 25 januari 2002 in de zogenaamde Paalman/Lampenier-kwestie. Velen zagen dit – anders dan de schrijvers van deze artikelenreeks – als een ommekeer van de bestendige lijn in de jurisprudentie betreffende, kort gezegd, de prognoseproblematiek. Dezerzijds is bij herhaling betoogd dat dat niet het geval, onder meer omdat de Hoge Raad in deze kwestie slechts een zeer beperkte rechtsvraag kreeg voorgelegd.
Mr Th.R. Ludwig - Franchise advocaat
Enige tijd geleden heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan in een procedure tussen een franchisegever en een franchisenemer. In deze zaak is de vraag aan de orde gesteld of de aan de franchisenemer voorgelegde, ondeugdelijke prognoses konden leiden tot juridisch relevante verwijten aan het adres van de franchisegever. Deze zaak is reeds in diverse periodieken behandeld.