Zoeken door artikelen
Afstand doen van instemmingsrecht bij formulewijziging binnen een franchiseovereenkomst?
Op 19 februari 2025 deed de rechtbank Den Haag uitspraak, ECLI:NL:RBDHA:2025:2507, over de vraag of franchisenemers hun wettelijke instemmingsrecht (artikel 7:921 BW) konden opgeven via een vaststellingsovereenkomst (artikel 7:902 BW) in het kader van een formulewijziging binnen hun franchiseovereenkomst. Achtergrond: franchiseovereenkomst en wijziging in vergoedingen De franchisegever exploiteert sinds 2008 de HappyNurse-franchiseformule, gericht op gespecialiseerde uitzendbureaus en werving- en selectiewerkzaamheden voor uitzendkrachten. Door de groei van zzp’ers in de zorg begonnen franchisenemers zich ook te richten op de bemiddeling van zelfstandigen. Dit had financiële gevolgen voor de franchisegever, omdat franchisenemers op basis van de franchiseovereenkomst alleen een inkoopprijs moesten betalen ...
Wijzigingen in de franchiseformule en het instemmingsrecht
In het vooraanstaande juridisch wetenschappelijk tijdschrift “Contracteren” is een artikel gepubliceerd van mr. Alex Dolphijn van Ludwig & Van Dam Advocaten met als titel: “Wijzigingen in de franchiseformule en het instemmingsrecht”. Het instemmingsrecht van franchisenemers bij wijziging van de franchiseformule kan voor franchisegevers een rem op innovatie- en slagkracht kan zijn. De Wet franchise schept voor de franchisegever mogelijkheden om het instemmingsrecht te beperken. Die mogelijkheden tot oprekking zou ten koste kunnen gaan van juist de beoogde bescherming van de franchisenemers. Onderzocht wordt of er meer ruimte dient te zijn voor een belangenafweging. Het artikel is hier te downloaden.
Seminar op de Franchisebeurs 2025
Op zaterdag 4 oktober om 11:00 uur geven wij een seminar tijdens de Franchisebeurs in Gorinchem. Het thema van het seminar is: "Franchise, wet en regels: Wat je zeker moet weten als startende ondernemer". Tijdens dit seminar krijg je praktische inzichten in de Wet franchise en andere essentiële regels. We bespreken onderwerpen die iedere starter moet kennen:✅ rechten en plichten als franchisenemer✅ hoe de Wet franchise je positie beschermt✅ instemmingsrechten, precontractuele informatie en goodwill✅ valkuilen én tips Ontdek de belangrijkste juridische spelregels en krijg praktische tips voor een sterke start. Kom langs, stel je vragen en ontmoet ons bij de ...
Rechtbank stelt franchisenemers Albert Heijn wederom in het gelijk in Maaltijd Thuis-kwestie
Begin van dit jaar stelde de rechtbank Haarlem de franchisenemers al in het gelijk inzake de vraag of Maaltijd Thuis kwalificeert als afgeleide formule en daarmee instemmingsplichtig is. Zie: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBNHO:2025:43 Desondanks ging Albert Heijn onverdroten door met deze daarmee onrechtmatige activiteiten en tekende hoger beroep aan. Er bleek helaas een kort geding voor nodig om Albert Heijn te bewegen daarmee op te houden. De overwegingen van de kortgedingrechter geven een bruikbaar kader voor het omgaan met het instemmingsrecht. De kortgedingrechter overwoog dat het instemmingsrecht een preventieve werking heeft. Tevens overwoog de kortgedingrechter dat de franchisenemers zich redelijk opstelden en het ...
Rechtbank oordeelt in zaak rondom Maaltijd Thuis: een belangrijke overwinning voor Albert Heijn-franchisenemers
Op 8 januari 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak tussen Albert Heijn Franchising B.V. (AHF) en haar franchisenemers (https://shorturl.at/mYaEL). De zaak, aangespannen door de Vereniging van Albert Heijn Franchisenemers (VAHFR), draaide om de vraag of het door AHF geïntroduceerde concept Maaltijd Thuis een zogeheten ‘afgeleide formule’ is in de zin van de Wet franchise, en of hiervoor vooraf instemming van de franchisenemers nodig was. De rechtbank stelde de franchisenemers grotendeels in het gelijk. De VAHFR werd in deze zaak bijgestaan door Ludwig & Van Dam advocaten (Maaike Munnik en Jeroen Sterk), specialisten op het gebied van ...
Wijziging van het verdienmodel voor de franchisenemers
In een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20 november 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:8592, werd geoordeeld dat de franchisegever het verdienmodel voor de franchisenemers niet mocht wijzigen. Diverse franchisenemers kwamen op tegen de wijziging van het verdienmodel door de franchisegever. In de verschillende versies van de franchiseovereenkomst is eenduidig vastgelegd dat het verdienmodel wordt vastgesteld door de franchisegever. Meteen beroep op dat beding wijzigde de franchisegever het verdienmodel. De franchisenemers hebben in de dagvaarding onderbouwd dat de eerste wijziging grofweg leidt tot een omzetdaling van 50% en de later aangepaste wijziging leidt tot een omzetdaling van omstreeks 30%. De voorzieningenrechter ...
Hoge Raad over opzegging franchiseovereenkomst
De Hoge Raad heeft op 29 november 2024 een aantal uitspraken gedaan in vergelijkbare kwesties tussen enkelen franchisenemers en hun franchisegever Leen Bakker (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:HR:2024:1709). Het ging daarbij onder meer over de vraag of de franchisegever de franchiseovereenkomst kon opzeggen. Met name is daarbij van belang of de franchisegever een (opzeggings)vergoeding verschuldigd is en of de opzeggingsvergoeding die de franchisegever aan de franchisenemer aangeboden had, afdoende zou zijn. Opzegging rechtsgeldig De Hoge Raad overweegt dat de omstandigheid dat de franchiseovereenkomst is opgezegd zonder daarbij een passende (schade)vergoeding aan te bieden, kan meewegen bij het vaststellen van de hoogte van ...
Opzeggen franchiseovereenkomst vanwege de invoering van de Wet franchise
Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 28 februari 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:658, een beslissing genomen in een geschil over de beëindiging van een franchiseovereenkomst tussen Leen Bakker en haar franchisenemer vanwege de invoering van de Wet franchise. Alhoewel de opzegging rechtsgeldig was, heeft de franchisenemer wel recht op een schadevergoeding. Rechtsgeldige opzegging Sinds 1995 bestond er een franchiseovereenkomst. Leen Bakker had de franchiseovereenkomst met een franchisenemer opgezegd op 28 juli 2020 tegen 31 december 2022. De franchiseovereenkomst bepaalt dat de franchisegever slechts gerechtigd is deze op te zeggen “indien van hem in redelijkheid niet kan worden gevergd de onderhavige overeenkomst te laten voortduren”. ...
Gelukkig Nieuwjaar zonder franchiseovereenkomst
“Gelukkig Nieuwjaar zonder franchiseovereenkomst” Op 31 december 2022 tellen “we” niet alleen af naar Nieuwjaar maar ook naar het (volledig) inwerkingtreden van de Wet Franchise per 1 januari 2023. Wellicht voor het merendeel van de lezers tijd voor een (bescheiden) feestje, maar zeker niet voor diegene die na 1 januari 2023 lopende franchiseovereenkomsten niet conform de Wet Franchise hebben aangepast. De gevolgen voor die groep franchisegevers kunnen desastreus zijn. Aan hen mijn oproep alsnog in actie te komen. Waarom moet er worden aangepast? Voorkomen van praktische problemen. Als uitgangspunt geldt dat wijzigingen van het Burgerlijk Wetboek – zoals ...
Artikel Franchise+: “Is franchisegever gehouden aan de statuten van de franchisenemersvereniging?” – mr. M. Munnik – d.d. 11 november 2021
Binnen een franchiseorganisatie is het niet ongewoon dat franchisenemers zich met elkaar verenigen. Dikwijls is zelfs in de franchiseovereenkomst opgenomen dat franchisenemer verplicht is om lid te worden van de franchisenemersvereniging. De vereniging dient binnen een franchiseformule vaak als overleg- en adviesorgaan, door middel waarvan de belangen van franchisenemers worden behartigd. Sinds de inwerkingtreding van de wet franchise is regelmatig zelfs sprake van instemmingsrecht. In de statuten van de vereniging (of een coöperatie) zijn veelal bepalingen opgenomen omtrent de (overleg-)structuur en verhouding met franchisegever. Maar is franchisegever hieraan zonder meer gehouden? De voorzieningenrechter Oost-Brabant (’s-Hertogenbosch) heeft hier onlangs over geoordeeld. ...








