Centrale website (en/of centraal telefoonnummer), een inbreuk op exclusief verzorgingsgebied?
Bij verschillende franchiseovereenkomsten is (in het verleden) niet goed nagedacht over de centrale acquisitie van klanten via het internet, in combinatie met de geografische exclusieve rayons van de franchisenemers.
Het gerechtshof Amsterdam heeft op 10 februari 2015 (ECLI:NL:GHAMS:2015:412) een interessante uitspraak gedaan over de vraag of de franchisegever met haar centrale website een inbreuk maakte op het exclusieve verzorgingsgebied van de franchisenemer. Tevens kwam het centrale telefoonnummer van de franchisegever in dat kader aan de orde.
De franchisenemer stelde dat het centrale verwijzingssysteem van de franchisegever een inbreuk is op het (niet betwiste gedeelte van het) exclusieve verzorgingsgebied.
De franchisegever betwiste dit en stelde dat het exclusieve gebied, zoals omschreven in de franchiseovereenkomst, geenszins betekent dat potentiële klanten moeten worden doorverwezen naar de franchisevestiging in het rayon waarin zij gevestigd zijn. Deze exclusiviteit ziet er alleen op dat binnen een toegewezen rayon geen andere franchisenemers of filialen van de franchisegever mogen worden gevestigd en dat ondernemers niet voor derden werkzaam mogen zijn, aldus de franchisegever.
Volgens de franchisegever functioneert het verwijzingssysteem overigens ook naar behoren en worden (potentiële) klanten uit het exclusieve verzorgingsgebied doorverwezen naar de franchisenemer in kwestie. Via het centrale telefoonnummer worden klanten verwezen naar vestigingen met de voor hen kortste reistijd.
Het gerechtshof oordeelde dat een franchisegever, die een centrale website opent, in beginsel gehouden is daarmee gelijke mogelijkheden voor zijn franchisenemers te realiseren. Dat de franchisegever anders zou hebben gehandeld dan van haar zou mogen worden verwacht, heeft de franchisenemer naar het oordeel van het gerechtshof, onvoldoende bewezen.
Ten aanzien van het verwijzingssysteem via het centrale telefoonnummer geldt dat de franchisegever dit kennelijk uitbesteed had aan De Telefoongids, waarbij de franchisegever zich voldoende ingespannen had om de synchroniciteit met de exclusieve verzorgingsgebieden te bewerkstelligen. Het verwijzingsmechanisme op basis van de kortste reistijd was klaarblijkelijk de best mogelijke oplossing. Het gerechtshof oordeelt dat de franchisegever zich ter zake voldoende ingespannen had.
Uiteraard is het van geval tot geval sterk afhankelijk op welke wijze een centraal verwijzingssysteem fungeert en zou moeten fungeren. Met name is ook van belang of de franchisegever de franchisenemer in zijn exclusieve verzorgingsgebied zelf beconcurreert. Bij veel webshops van franchisegevers kan er gemakkelijk sprake zijn van onrechtmatige concurrentie, indien en voor zover dat in de franchiseovereenkomst niet (goed) geregeld is.
Mr A.W. Dolphijn – Franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt u reageren? Mail naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Verkoop van de franchiseorganisatie, gevolgen voor de franchisenemers?
Vorige week werd aangekondigd dat mogelijk de HEMA-organisatie verkocht zal gaan worden, door Maxeda, de eigenaar van de organisatie.
Franchiseovereenkomst of arbeidsovereenkomst?
“Franchiseovereenkomst” is geen wettelijk begrip. De wet ziet een franchiseovereenkomst als een gewone overeenkomst.
Misbruik van het faillissementsrecht
Het recht dient te worden gebruikt voor het doel waarvoor zij is geschreven.
Regeren is vooruitzien
Vraag en aanbod. Begrippen die de gehele commerciële wereld beheersen.
De professionele probleemoplosser: de rechter opnieuw uitgevonden
In onze maatschappij is een waar alternatief circuit van probleemoplossers bestaan, onder meer in de vorm van mediators.
Leid prijsbinding altijd tot nietigheid?
Op grond van het mededingingsrecht is het niet toegestaan in franchiseovereenkomsten zogeheten verticale prijsbindingen op te nemen