Gerechtelijke uitspraak over supermarktvestiging: toepassing van het Didam-arrest
In het arrest van de Hoge Raad van 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) is bepaald dat gemeenten bij de verkoop of ruil van grond het gelijkheidsbeginsel moeten respecteren. Dat betekent dat zij in beginsel mededingingsruimte moeten bieden aan potentiële gegadigden. In de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 1 december 2025 (ECLI:NL:RBGEL:2025:10505) stond opnieuw de vraag centraal hoe ver deze verplichting reikt.
De zaak betrof de herontwikkeling van een wijkcentrum met een supermarktfunctie. De kernvraag was of de gemeente rechtstreeks mocht contracteren met de partij achter de bestaande supermarkt, of dat zij een openbare selectieprocedure had moeten organiseren. De eigenaar van de bestaande supermarkt bezat echter grond die de gemeente nodig had om haar herontwikkelingsplannen te realiseren en was alleen bereid die grond af te staan in ruil voor vervangende bouwgrond om een nieuwe supermarkt te realiseren. De rechtbank oordeelde dat de gemeente onder deze omstandigheden mocht aannemen dat sprake was van één serieuze gegadigde, zodat een selectieprocedure niet vereist was.
Voor supermarkt-franchisenemers is dit een belangrijk signaal. Gelijke kansen bij gemeentelijke gronduitgifte zijn geen automatisme: als de gemeente voor haar plan afhankelijk is van één partij, kan zij zonder selectieprocedure met die partij contracteren. In herontwikkelingsgebieden weegt de grondpositie daardoor vaak zwaarder dan de formule of commerciële belangstelling. Tegelijk maakt de uitspraak duidelijk dat discussies over winkelomvang, parkeerdruk of bovenlokale werking niet in dit kader worden beslecht; die horen thuis in het planologische traject. Ook een beroep op verboden staatssteun biedt zelden een snelle route, zeker niet in kort geding zonder stevige waarderingsonderbouwing.
Kortom: wie als supermarkt-franchisenemer wil uitbreiden of verplaatsen, moet vroegtijdig nadenken over vastgoed en gebiedsontwikkeling. Het arrest bevestigt dat juridische kansen vooral ontstaan vóórdat plannen bestuurlijk zijn vastgelegd – en niet daarna.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Verzekerd en wel
Een enkele keer bevat een franchise-overeenkomst een beding dat de franchisenemer verplicht een rechtsbijstandsverzekering af te sluiten.
Master-franchising: een dubbele afhankelijkheid
Diverse franchise-organisaties in Nederland zijn gebaseerd op een zogeheten master-franchiseconstructie
De mogelijkheden betreffende het vorderen van huurvermindering dan
In navolging van eerdere verschenen artikelen van mijn hand zal ik in het onderstaande wederom een huurrechtelijke kwestie behandelen.
Fictieve dienstbetrekkingsperikelen
Een blijvend punt van aandacht dient in franchiseverhoudingen te allen tijde te zijn de vraag of in de franchiseverhouding
Recente ontwikkelingen betreffende verticale prijsbinding
Door de bestuursrechter van de Rechtbank te Rotterdam is op 13 februari 2004 een uitspraak gedaan tussen Secon Group B.V.
Huurprijswijziging
In navolging van eerdere verschenen artikelen van mijn hand zal ik in het onderstaande wederom een huurrechtelijke kwestie behandelen.