Overstap franchisenemer van de ene franchiseorganisatie naar de andere niet zonder risico’s

Rechtbank Amsterdam

Onlangs heeft de rechtbank te Amsterdam uitspraak gedaan in een kwestie waarbij een franchisenemer overstapte van de ene franchisegever naar de andere, in dezelfde branche.

Hierbij hebben zowel de overstappende franchisenemer als de nieuwe franchisegever een grote verantwoordelijkheid. De zorgplicht van de nieuwe franchisegever brengt met zich mee dat de franchisegever dient te onderzoeken wat de feiten en omstandigheden zijn waaronder franchisenemer overstapt. Hierbij dient niet alleen gedacht te worden aan een eventueel concurrentiebeding en de consequenties daarvan, maar tevens wat de lopende verplichtingen van de franchisenemer zijn jegens de bestaande franchisegever. Het is onvoldoende indien de nieuwe franchisegever stelt dat hij niet wist dat er een concurrentiebeding was of dat er nog lopende verplichtingen van de zijde van de overstappende franchisenemer jegens de oude franchisegever waren. Indien de franchisegever zondermeer, derhalve zonder nader actief onderzoek meewerkt aan de overstap, dan kan het onrechtmatig zijn jegens de bestaande franchisegever. Het nadeel kan bijvoorbeeld bestaan uit het overstappen van klanten van de ene franchiseorganisatie naar de andere, door toedoen van de franchisenemer en de nieuwe franchisegever. Daarbij maakt het niet uit dat de franchisenemer activiteiten camoufleert door middel van besloten vennootschap, waarbij als enig aandeelhouder een derde, bijvoorbeeld een familielid, formeel de zeggenschap heeft. Hier prikt de rechtbank doorheen.

Uiteindelijk concludeert de Amsterdamse rechtbank dat zowel de nieuwe franchisegever als de overstappende franchisenemer aansprakelijk zijn jegens de oude franchisegever.

Zorgvuldige afweging en open kaart had dit alles kunnen voorkomen.

 

Mr Th.R. Ludwig – Franchise advocaat

Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies 

Wilt u reageren? Mail naar ludwig@ludwigvandam.nl 

Andere berichten

Artikel mr. C. Damen – Drie voorwaarden bij het recht op klantenvergoeding voor de agent bij de beëindiging van de agentuurovereenkomst – d.d. 26 augustus 2020

Bij de agentuurrelatie tussen een agent en een opdrachtgever (de principaal) leggen partijen hun samenwerkingsafspraken vast in een agentuurovereenkomst. Wanneer de principaal de agentuurovereenkomst

Door mr. C. Damen|26-08-2020|Categorieën: Uitspraken & actualiteiten|

Artikel mr. C. Damen – “Wanneer geldt de exhibitieplicht voor het overleggen de franchiseovereenkomst?” d.d. 17 augustus 2020

Geldt de exhibitieplicht voor het tonen van een (franchise)overeenkomst in een procedure, wanneer de procespartijen niet in rechtsbetrekking staan tot de (franchise)overeenkomst?

Door mr. C. Damen|17-08-2020|Categorieën: Uitspraken & actualiteiten|

Artikel De Nationale Franchise Gids: “Informatieverplichtingen van de beoogd franchisenemer onder de Wet franchise” – d.d. 7 augustus 2020 – mr. A.W. Dolphijn

Alhoewel de Wet franchise tot doel heeft franchisenemers te beschermen tegen franchisegevers, zijn er ook een aantal verplichtingen voor franchisenemers bepaald.

Ga naar de bovenkant