De goodwillregeling van de Wet franchise, Contracteren, december 2025
In het vooraanstaande juridisch wetenschappelijk tijdschrift “Contracteren” is een artikel gepubliceerd van mr. Alex Dolphijn van Ludwig & Van Dam Advocaten met als titel: “De goodwillregeling van de Wet franchise”.
In de bijdrage wordt ingegaan op de goodwillregeling van artikel 7:920 lid 1 BW, die beoogt franchisenemers te beschermen bij het einde van de franchiseovereenkomst, aangezien zij vaak de zwakkere partij zijn. De wet schrijft voor dat in de franchiseovereenkomst een regeling wordt opgenomen over het bestaan, de omvang en de toerekening van goodwill aan de franchisenemer. Hoewel dit geen automatisch recht op vergoeding creëert, kan de franchisenemer bij aantoonbare goodwill aanspraak maken op een redelijke vergoeding. Onzekerheid blijft bestaan over de uitleg van begrippen zoals ‘overname’ en de verhouding tot andere vergoedingsgronden, zoals ongerechtvaardigde verrijking of wanprestatie, waardoor de regeling complex en mogelijk ongunstig uitpakt voor franchisenemers.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Franchiseraden en franchisenemersverenigingen: een afweging
Het is tegenwoordig goed gebruik om het overleg tussen de franchisegever en de franchisenemers
Markt en marktaandeel
Onlangs zijn enkele opmerkelijke uitspraken gedaan op het gebied van franchising en mededingingsrecht
Huurperikelen: een vervolg
Reeds eerder in deze rubriek is aandacht besteed aan de mogelijkheid voor huurders van met name detailhandelsruimte
Mooi weer als excuus?
Regelmatig wordt in rechte discussie gevoerd over de vraag of tegenvallende bezoekersaantallen
Hoe komt de (onder)huurovereenkomst tot stand?
Zoals bekend is het huurrecht voor een groot deel onderworpen aan (semi) dwingend recht.
Contractsvrijheid in franchising
Het post contractueel non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst is wellicht het meest bediscussieerde beding in franchiseland.