De goodwillregeling van de Wet franchise, Contracteren, december 2025

In het vooraanstaande juridisch wetenschappelijk tijdschrift “Contracteren” is een artikel gepubliceerd van mr. Alex Dolphijn van Ludwig & Van Dam Advocaten met als titel: “De goodwillregeling van de Wet franchise”.

In de bijdrage wordt ingegaan op de goodwillregeling van artikel 7:920 lid 1 BW, die beoogt franchisenemers te beschermen bij het einde van de franchiseovereenkomst, aangezien zij vaak de zwakkere partij zijn. De wet schrijft voor dat in de franchiseovereenkomst een regeling wordt opgenomen over het bestaan, de omvang en de toerekening van goodwill aan de franchisenemer. Hoewel dit geen automatisch recht op vergoeding creëert, kan de franchisenemer bij aantoonbare goodwill aanspraak maken op een redelijke vergoeding. Onzekerheid blijft bestaan over de uitleg van begrippen zoals ‘overname’ en de verhouding tot andere vergoedingsgronden, zoals ongerechtvaardigde verrijking of wanprestatie, waardoor de regeling complex en mogelijk ongunstig uitpakt voor franchisenemers.

mr. A.W. Dolphijn
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten

Artikel De Nationale Franchisegids: “Rechter stelt franchisenemers Domino’s opnieuw in het gelijk” – d.d. 3 september 2019 – mr. R.C.W.L. Albers

Begin 2018 hebben nagenoeg alle franchisenemers van Domino’s en de Vereniging van Domino’s Pizza Franchisenemers een tweetal kwesties aan de rechter te Rotterdam voorgelegd.

Artikel De Nationale Franchisegids: “De tussentijdse beëindiging van de franchiseovereenkomst” – 12 augustus 2019 – mr. J.A.J. Devilee

Een franchiseovereenkomst kan op vele manieren tussentijds eindigen.

Door mr. J.A.J. Devilee|23-08-2019|Categorieën: Franchise-kenniscentrum/ Nationale Franchise- en Formulebrief-publicaties|

Artikel De Nationale Franchise Gids: “Kamervragen gesteld over (schijn-)zelfstandigheid franchisenemers” – d.d. 24 juli 2019 – mr. M. Munnik

Over de zogenaamde schijnzelfstandigheid binnen de verhouding tussen franchisegever en franchisenemer zijn onlangs Kamervragen gesteld.

Franchisenemer mag assortiment vreemd inkopen na verplichte formulewijziging – 6 juni 2019 – mr. J.A.J. Devilee

De rechtbank Oost-Brabant heeft zich onlangs in kort geding gebogen over een belangwekkende kwestie waarin een franchisenemer geheel onvrijwillig een alternatieve formule opgedrongen heeft gekregen.

Door mr. J.A.J. Devilee|06-06-2019|Categorieën: Uitspraken & actualiteiten|
Ga naar de bovenkant