Franchisenemer, verspeel je rechten niet
Bij een intensieve samenwerking als franchising lijkt hardop klagen niet te passen, laat staan een aansprakelijkheidstelling. Maar als een franchisenemer dat niet doet, kan hij zijn rechten verspelen. In franchiseovereenkomsten staan soms korte klacht-, verjarings-, en/of vervaltermijnen. Dit maakt dat de franchisenemer extra goed moet opletten en tijdig de juiste juridische actie dient te ondernemen om geen aanspraken verloren te laten gaan.
Klagen
Klagen is niet veel meer dan het uiten van onvrede. De wet geeft de regel dat als er sprake is van het niet behoorlijk nakomen van een overeengekomen prestatie, er binnen redelijke termijn hierover geklaagd moet worden. Gebeurt dat niet, dan bestaat de kans dat er naderhand niet alsnog met recht gewezen wordt op het tekortschieten. Deze klachtplicht geldt overigens niet als er helemaal geen prestatie verricht wordt.
Wat een redelijke termijn is, bepaalt de wet niet. Het hangt sterk af van het geval. Het kan heel kort zijn. Soms wordt twee maanden aangehouden. Een klachttermijn van meer dan twee jaar is uitzonderlijk lang. Klagen dient dus zo snel mogelijk te gebeuren en het liefst schriftelijk om het later te kunnen bewijzen.
Verjaring en verval
Een verjaringstermijn is wat anders dan een klachttermijn. De verjaringstermijnen beginnen doorgaans op het moment dat de benadeelde bekend geworden is met het probleem. Een ingediende klacht kan dan vaak als aanvangsmoment gelden. In veel gevallen geldt er een verjaringstermijn van 5 jaren. Binnen die termijn dient er dus ofwel gestuit te worden, of dient een rechtszaak gestart te zijn. Uit een vonnis van de rechtbank Amsterdam van 16 maart 2016 (ECLI:NL:RBROT:2016:1769) blijkt dat een franchisenemer te lang stilzat waardoor de zaak verjaard was. De rechtszaak die de franchisenemer vervolgens startte werd om die reden verloren. Een franchisenemer kan dit vaak eenvoudig voorkomen door snel en adequaat juridische maatregelen te treffen.
Een mogelijke juridische maatregel is het stuiten van de verjaring. Stuiting houdt in dat door een nieuwe aanmaning de verjaringstermijn opnieuw gaat lopen. Stuiting kan steeds opnieuw en hierdoor kan de verjaring feitelijk eindeloos worden uitgesteld. Maar let op! De wet geeft in sommige situaties een vervaltermijn. Deze kunnen niet gestuit worden.
Wat regelt de franchiseovereenkomst?
In franchiseovereenkomsten kan bepaald zijn dat er een, meestal kortere, klacht-, verjarings-, of vervaltermijnen gelden. Hier dient men op bedacht te zijn. Zo kan bepaald zijn dat de franchisenemer binnen een vervaltermijn van een jaar na het sluiten van de franchiseovereenkomst een procedure wegens onjuiste informatieverstrekking dient aan te gaan. Zie bijvoorbeeld het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 9 april 2014, ECLI:NL:RBNNE:2014:1936.
De valkuilen in franchiseovereenkomsten kunnen soms zeer verstrekkend zijn. Het is dus van groot belang de franchiseovereenkomst te doorgronden.
Mr. A.W. Dolphijn – Franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Ga naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Supermarktbrief – 18
Kan een ondernemer verplicht worden een andere supermarktformule te gaan exploiteren?
Artikel in Entree: “Nieuwe eigenaar”
“De horecaonderneming waar ik werk is overgenomen. De nieuwe eigenaar zegt nu dat ik niet meer voor hem hoef te werken, maar kan hij mij als werknemer weigeren?”
Bestuurdersaansprakelijkheid bij afwikkeling franchiseovereenkomst
Kan in privé de bestuurder van een franchisenemer-rechtspersoon aansprakelijk zijn jegens de franchisegever, indien de franchisenemer-rechtspersoon ten onrechte zaken niet aan de franchisegever
Artikel in Entree: “Huurprijzen”
“De verhuurder verhoogde jaarlijks de prijzen van het pand, maar sinds 2 jaar doet hij dit niet meer, misschien vergeet hij het wel. Mag hij een achterstallig bedrag later alsnog opeisen?”
Column Franchise + – mr. Th.R. Ludwig: “Op weg naar risicoaansprakelijkheid”
Onlangs heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een prognosekwestie.
Geen geldig beroep op non-concurrentiebeding bij franchising
De voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland heeft op 28 februari 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:1469, beslist over de vraag of een franchisenemer gehouden kon worden aan een non-concurrentiebeding.





