Het bereik van een exclusief afnamebeding bij franchiseovereenkomst
In het geval waarover het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch op 21 juli 2015 (ECLI:NL:GHSHE:2015:2754) oordeelde, ging het over een franchiseovereenkomst waarin bedongen was dat de franchisenemer minimaal 90% diende in te kopen, op straffe van een boete.
De formule ziet op de exploitatie van groothandel in kappersbenodigdheden. De franchisegever stelt dat de franchisenemer zich niet aan deze verplichting houdt en betrekt de franchisenemer in rechte. De franchisenemer heeft namelijk (internet)activiteiten ontplooid onder een andere handelsnaam. De vraag is of deze activiteiten binnen het bereik van de franchiseovereenkomst vallen. Het gerechtshof constateert dat de franchiseovereenkomst zelf het bereik niet aangeeft en oordeelt dat de franchisegever niet had hoeven verwachten dat alle activiteiten op het gebied van de handel in kappersbenodigdheden onder het bereik van de franchiseovereenkomst zou vallen. De onduidelijkheid over het bereik van het exclusieve afnamebeding wordt derhalve de franchisegever tegengeworpen (contra proferentem).
Wederom blijkt uit deze uitspraak het belang van een goed geformuleerde franchiseovereenkomst. Bestaat er onduidelijkheid over de uitleg, dan kan de franchiseovereenkomst uitgelegd worden ten nadele van de partij die de franchiseovereenkomst opstelde.
Mr A.W. Dolphijn – Franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt u reageren? Mail naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Franchisenemer mag assortiment vreemd inkopen na verplichte formulewijziging – 6 juni 2019 – mr. J.A.J. Devilee
De rechtbank Oost-Brabant heeft zich onlangs in kort geding gebogen over een belangwekkende kwestie waarin een franchisenemer geheel onvrijwillig een alternatieve formule opgedrongen heeft gekregen.
Hoe behoud ik mijn vestigingsplaats? – 6 juni 2019 – mr. K. Bastiaans
Voor franchisegevers en franchisenemers is, met name in de detailhandel, de vestigingsplaats van groot belang.
Supermarktbrief – 25
Supermarktnieuwsbrief nr. 25
De toetsingsmaatstaf voor franchiseprognoses – d.d. 29 mei 2019 – mr. A.W. Dolphijn
Het hof Den Bosch heeft op 19 maart 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:1037, de rechtspraak van de Hoge Raad over prognose bij franchising op een rij gezet.
Arbitrage binnen franchise: een te hoge drempel? – mr. M. Munnik
Bij het aangaan van een overeenkomst is het voor partijen mogelijk – in afwijking van de wet - om een bevoegde rechter aan te wijzen. Dit geldt ook voor de franchiseovereenkomst. Van deze mogelijkheid
Beroep franchisenemer op dwaling wegens ondeugdelijke prognoses en gebrek aan ondersteuning verworpen – d.d. 25 april 2019 – mr. K. Bastiaans
Het Hof ’s-Hertogenbosch oordeelde (ECLI:NL:GHSHE:2019:697) over de vraag of het enkele feit dat prognoses niet zijn uitgekomen, de conclusie rechtvaardigt dat de franchisenemer tekort is gedaan...



