Huurprijswijziging

In navolging van eerdere verschenen artikelen van mijn hand zal ik in het onderstaande wederom een huurrechtelijke kwestie behandelen. Veelal is de tussen de franchisegever en franchisenemer gesloten franchise-overeenkomst nauw verbonden met een huurovereenkomst, aangezien de franchisegever als zijnde verhuurder veelal een huurovereenkomst heeft gesloten met de franchisenemer als zijnde huurder. In het onderstaande zal nader worden ingegaan op de mogelijkheid en de wijze waarop een huurprijswijziging kan worden gerealiseerd. Deze wijziging kan zowel betrekking hebben op een huurprijsverlaging als een huurprijsverhoging.

Uit artikel 7:303 BW blijkt dat zowel de franchisenemer als de franchisegever de rechter kan vorderen de huurprijs nader vast te stellen, indien deze niet overeenstemt met die van vergelijkbare bedrijfsruimte ter plaatse. Deze huurprijsvaststelling is mogelijk, indien de overeenkomst voor bepaalde tijd geldt, na afloop van de overeengekomen duur. In alle andere gevallen is huurprijsvaststelling telkens wanneer tenminste vijf jaar zijn verstreken sinds de dag waarop de laatste door partijen vastgestelde huurprijs is ingegaan of waarop de laatste door de rechter vastgestelde huurprijs is gevorderd, mogelijk.

Relevant is dat de huurprijsvaststelling vergezeld gaat van een advies omtrent de nadere huurprijs, aangezien anders de vordering tot huurprijsvaststelling niet ontvankelijk zou zijn. Voornoemd advies dient te worden opgesteld door een ter zake deskundige, zoals een makelaar, een lid van de bedrijfshuuradviescommissie of een branchevertegenwoordiger. Bij het opstellen van dit advies zal de betreffende deskundige rekening moeten houden met het gemiddelde van de huurprijzen van vergelijkbare bedrijfsruimten ter plaatse, die zich hebben voorgedaan in een tijdvak van vijf jaren voorafgaande aan de dag van het instellen van de vordering.

Aan het opstellen van het advies zijn echter wel de nodige kosten verbonden, zodat niet al te lichtvaardig over het laten opstellen van een dergelijk advies dient te worden gedacht. Om dergelijke kosten te voorkomen is het aldus raadzaam om in goed overleg in een eerder stadium afspraken te maken over de nadere huurprijs.

Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten

Artikel De Nationale Franchise Gids: “Steeds meer bescherming tegen ronselen franchisenemers” – d.d. 2 april 2019 – mr. A.W. Dolphijn

Steeds vaker blijkt dat geronselde franchisenemers beschermd kunnen worden op basis van de Wet Acquisitiefraude.

Door Alex Dolphijn|02-04-2019|Categorieën: Franchise overeenkomsten, Uitspraken & actualiteiten|Label: |

De franchisenemersvereniging en de binding van franchisenemers – Contracteren 2019, nr. 1

Een bijdrage over veelvoorkomende bepalingen in franchiseovereenkomsten waarbij is bepaald dat een franchisenemer verplicht lid is van een franchisenemersvereniging.

Misleiding bij de werving van een franchisenemer?

Een uitspraak over de vraag of de franchisegever bij de werving van een franchisenemer een onjuiste voorstelling van zaken gegeven had.

Franchisegever aansprakelijk voor prognoses afkomstig van derde – d.d. 6 maart 2019 – mr. M. Munnik

Volgens vaste rechtspraak handelt een franchisegever onrechtmatig jegens haar franchisenemer wanneer een franchisegever zelfstandig op onzorgvuldige wijze onderzoek uitvoert en als gevolg daarvan...

De (hard) franchiseovereenkomst en zorgplicht gekwalificeerd – WPNR 7226 (2019)

Het kabinet is voornemens een wettelijke regeling over franchising in het Burgerlijk Wetboek op te nemen ter bescherming van de zwakke positie van de franchisenemer.

Door Alex Dolphijn|26-02-2019|Categorieën: Franchise overeenkomsten, Uitspraken & actualiteiten|Label: |

Gemeente moet tijdelijke Albert Heijn toestaan

De rechtbank Noord-Holland heeft op 7 februari 2019 geoordeeld over de vraag of de gemeente een tijdelijke Albert Heijn diende toe te staan

Ga naar de bovenkant