Ontbinding wegens afwijking adviesprijzen: mededingingsrechtelijk ontoelaatbaar
Onlangs is een belangrijke uitspraak gedaan met betrekking tot sturing van marge en dito prijspolitiek.
Een fabrikant in matrassen ziet zich geconfronteerd met een dealer die op eigen initiatief 20% internetkortingen verstrekt op de consumentenadviesprijs van de matrassenfabrikant in kwestie.
Vervolgens heeft een groot aantal dealers direct na de lancering van de actie op deze website de matrassenfabrikant onder druk gezet om de handelwijze van de dealer in kwestie te doen beëindigen. De matrassenfabrikant heeft telkens het standpunt ingenomen dat het haar op zichzelf niet uitmaakt in welke omvang de dealers aan de consument kortingen geven, maar dat zij het zich niet kan veroorloven dat in de toekomst belangrijke dealers haar producten niet langer zouden willen verkopen omdat deze niet kunnen leven met de fikse kortingspraktijken van een andere dealer.
Aangezien de matrassenfabrikant om deze specifieke reden notabene de dealerovereenkomst zelfs opzegt, is er sprake van een extreem verregaande sanctie op het niet naleven van de consumentenadviesprijzen. Deze handelwijze is in strijd met het mededingingsrecht. Het komt er immers op neer dat de ondernemer die zich niet aan de adviesprijzen houdt, wordt buitengesloten op de meest verregaande wijze. Er vind immers geen discussie plaats of er al dan niet sprake is van indirecte zachte prikkeling om een bepaalde consumentenprijs te handhaven en/of deze gang van zaken al dan niet geheel gerechtvaardigd is. Nee, er volgt botweg beëindiging, nu juist specifiek om die reden en dat is mededingingsrechtelijk ontoelaatbaar.
Het is goed dat het gerechtshof deze gang van zaken heeft doorzien en de opzegging van de samenwerkingsrelatie vervolgens nietig heeft verklaard.
Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten
Onredelijke vergoeding bij einde franchiseovereenkomst – d.d. 17 september 2019 – mr. A.W. Dolphijn
In sommige franchiseovereenkomsten is bedongen dat de franchisenemer bij beëindiging van de franchiseovereenkomst altijd minimaal een bepaald bedrag aan kosten verschuldigd is aan de franchisegever.
Juridische Franchisestatistiek 2019: lichte afname aantal franchisegeschillen
In 2018 werden 44 uitspraken gepubliceerd op rechtspraak.nl, waarvan 12 hoger beroep zaken en één in cassatie (een prognosekwestie tegen Albert Heijn).
Artikel De Nationale Franchisegids: “Rechter stelt franchisenemers Domino’s opnieuw in het gelijk” – d.d. 3 september 2019 – mr. R.C.W.L. Albers
Begin 2018 hebben nagenoeg alle franchisenemers van Domino’s en de Vereniging van Domino’s Pizza Franchisenemers een tweetal kwesties aan de rechter te Rotterdam voorgelegd.
Artikel De Nationale Franchisegids: “De tussentijdse beëindiging van de franchiseovereenkomst” – 12 augustus 2019 – mr. J.A.J. Devilee
Een franchiseovereenkomst kan op vele manieren tussentijds eindigen.
Artikel De Nationale Franchise Gids: “Kamervragen gesteld over (schijn-)zelfstandigheid franchisenemers” – d.d. 24 juli 2019 – mr. M. Munnik
Over de zogenaamde schijnzelfstandigheid binnen de verhouding tussen franchisegever en franchisenemer zijn onlangs Kamervragen gesteld.
Artikel Franchise+: “Met onze franchiseformule gaat u bergen goud verdienen.” d.d. 10 juli 2019 – mr. A.W. Dolphijn
Het onderscheid tussen toelaatbare aanprijzingen en misleidende informatie blijft een grijs gebied, ondanks de wetgeving hierover.





