Overstap franchisenemer van de ene franchiseorganisatie naar de andere niet zonder risico’s
Rechtbank Amsterdam
Onlangs heeft de rechtbank te Amsterdam uitspraak gedaan in een kwestie waarbij een franchisenemer overstapte van de ene franchisegever naar de andere, in dezelfde branche.
Hierbij hebben zowel de overstappende franchisenemer als de nieuwe franchisegever een grote verantwoordelijkheid. De zorgplicht van de nieuwe franchisegever brengt met zich mee dat de franchisegever dient te onderzoeken wat de feiten en omstandigheden zijn waaronder franchisenemer overstapt. Hierbij dient niet alleen gedacht te worden aan een eventueel concurrentiebeding en de consequenties daarvan, maar tevens wat de lopende verplichtingen van de franchisenemer zijn jegens de bestaande franchisegever. Het is onvoldoende indien de nieuwe franchisegever stelt dat hij niet wist dat er een concurrentiebeding was of dat er nog lopende verplichtingen van de zijde van de overstappende franchisenemer jegens de oude franchisegever waren. Indien de franchisegever zondermeer, derhalve zonder nader actief onderzoek meewerkt aan de overstap, dan kan het onrechtmatig zijn jegens de bestaande franchisegever. Het nadeel kan bijvoorbeeld bestaan uit het overstappen van klanten van de ene franchiseorganisatie naar de andere, door toedoen van de franchisenemer en de nieuwe franchisegever. Daarbij maakt het niet uit dat de franchisenemer activiteiten camoufleert door middel van besloten vennootschap, waarbij als enig aandeelhouder een derde, bijvoorbeeld een familielid, formeel de zeggenschap heeft. Hier prikt de rechtbank doorheen.
Uiteindelijk concludeert de Amsterdamse rechtbank dat zowel de nieuwe franchisegever als de overstappende franchisenemer aansprakelijk zijn jegens de oude franchisegever.
Zorgvuldige afweging en open kaart had dit alles kunnen voorkomen.
Mr Th.R. Ludwig – Franchise advocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies
Wilt u reageren? Mail naar ludwig@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Onredelijke vergoeding bij einde franchiseovereenkomst – d.d. 17 september 2019 – mr. A.W. Dolphijn
In sommige franchiseovereenkomsten is bedongen dat de franchisenemer bij beëindiging van de franchiseovereenkomst altijd minimaal een bepaald bedrag aan kosten verschuldigd is aan de franchisegever.
Juridische Franchisestatistiek 2019: lichte afname aantal franchisegeschillen
In 2018 werden 44 uitspraken gepubliceerd op rechtspraak.nl, waarvan 12 hoger beroep zaken en één in cassatie (een prognosekwestie tegen Albert Heijn).
Artikel De Nationale Franchisegids: “Rechter stelt franchisenemers Domino’s opnieuw in het gelijk” – d.d. 3 september 2019 – mr. R.C.W.L. Albers
Begin 2018 hebben nagenoeg alle franchisenemers van Domino’s en de Vereniging van Domino’s Pizza Franchisenemers een tweetal kwesties aan de rechter te Rotterdam voorgelegd.
Artikel De Nationale Franchisegids: “De tussentijdse beëindiging van de franchiseovereenkomst” – 12 augustus 2019 – mr. J.A.J. Devilee
Een franchiseovereenkomst kan op vele manieren tussentijds eindigen.
Artikel De Nationale Franchise Gids: “Kamervragen gesteld over (schijn-)zelfstandigheid franchisenemers” – d.d. 24 juli 2019 – mr. M. Munnik
Over de zogenaamde schijnzelfstandigheid binnen de verhouding tussen franchisegever en franchisenemer zijn onlangs Kamervragen gesteld.
Artikel Franchise+: “Met onze franchiseformule gaat u bergen goud verdienen.” d.d. 10 juli 2019 – mr. A.W. Dolphijn
Het onderscheid tussen toelaatbare aanprijzingen en misleidende informatie blijft een grijs gebied, ondanks de wetgeving hierover.





