Bewezen succesformule – een vervolg
De laatste maanden komt het helaas weer steeds vaker voor dat franchisenemers in de problemen komen als gevolg van, kort gezegd, een franchiseformule die er op papier goed uitzag, doch in de praktijk niet bleek te werken. Veelal betreft het dan kleine franchise-organisaties in de opstartfase, meestal al het eerste jaar van hun bestaan. De oorzaak van de problemen is dan veelal te vinden in het gegeven dat de betrokken franchisegever hetzij zelf net in de branche is begonnen, hetzij daar al wat langer in werkzaam is, doch geen ervaring heeft met franchising. Door eigen ondernemerschap, en wellicht een dosis geluk, lukt het de betrokken franchisegever dan wel om zijn eigen bedrijf op poten te zetten en te houden, de franchisenemers echter worden nogal eens geconfronteerd met een concept dat gekoppeld aan hun persoon totaal niet werkt. Een en ander vertaalt zich dan in het behalen van nagenoeg geen omzet en forse verliezen.
De Europese Erecode inzake Franchising, een gedragscode waaraan alle bij de Nederlandse Franchisevereniging aangesloten franchisegevers zich dienen te houden, doch waarvan het zeer sterk aanbeveling verdient ook ten behoeve van niet leden de aanwijzingen daarin op te volgen, bepaalt dat, voordat een concept of formule door middel van franchise-overeenkomsten aan franchisenemers wordt aangeboden, er sprake dient te zijn van een bewezen succesformule, een track-record derhalve. Dat track-record kan worden bereikt bijvoorbeeld door het gedurende langere tijd exploiteren van een pilot store, een proefproject als het ware, aan de hand waarvan kan worden vastgesteld of, los van de persoon van de franchisegever, het concept daadwerkelijk kan functioneren. Alsdan kan er sprake zijn van een bewezen succesformule en alleen dan kunnen tegenvallers al hierboven bedoeld, met vaak zeer verstrekkende negatieve gevolgen voor de franchisenemers, doch ook voor de franchisegever, worden voorkomen.
Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten
Artikel mr. C. Damen – Drie voorwaarden bij het recht op klantenvergoeding voor de agent bij de beëindiging van de agentuurovereenkomst – d.d. 26 augustus 2020
Bij de agentuurrelatie tussen een agent en een opdrachtgever (de principaal) leggen partijen hun samenwerkingsafspraken vast in een agentuurovereenkomst. Wanneer de principaal de agentuurovereenkomst
Artikel mr. C. Damen – “Wanneer geldt de exhibitieplicht voor het overleggen de franchiseovereenkomst?” d.d. 17 augustus 2020
Geldt de exhibitieplicht voor het tonen van een (franchise)overeenkomst in een procedure, wanneer de procespartijen niet in rechtsbetrekking staan tot de (franchise)overeenkomst?
Artikel mr. A.W. Dolphijn – “Hoe waardeer je een franchiseonderneming met kwijtingslening?” – d.d. 14 augustus 2020
Een kwijtingslening is een beproefd middel van franchisegevers om franchisenemers langdurig aan zich te vinden.
Artikel De Nationale Franchise Gids: “Informatieverplichtingen van de beoogd franchisenemer onder de Wet franchise” – d.d. 7 augustus 2020 – mr. A.W. Dolphijn
Alhoewel de Wet franchise tot doel heeft franchisenemers te beschermen tegen franchisegevers, zijn er ook een aantal verplichtingen voor franchisenemers bepaald.
Wettekst van de Wet franchise – d.d. 24 juli 2020 – mr. A.W. Dolphijn
De wettekst van de Wet franchise is op 1 juli 2020 gepubliceerd in het Staatsblad. De integrale wettekst luidt als volgt:
Wet Franchise – d.d. 23 juli 2020 – mr. A.W. Dolphijn
De Wet franchise zal voor zowel franchisegevers als franchisenemers behoorlijk wat impact hebben.




