Supermarktlocatie door overschrijden beslistermijn door gemeente
In een geschil met de gemeente Helmond is aan de orde of een projectontwikkelaar een omgevingsvergunning verkregen is tot de realisatie van een supermarkt. Onder meer Jumbo verzet zich hiertegen. De Raad van State oordeelt dat van rechtswege een omgevingsvergunning is ontstaan wegens het overschrijden van de beslistermijn door de gemeente Helmond. Zie RvSt 5 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2336.
Merwehave B.V. is eigenaresse van een projectlocatie. Zij heeft op 8 juli 2021 een omgevingsvergunning aangevraagd bij de gemeente om op de projectlocatie een supermarkt te realiseren. Hierop is door de gemeente niet binnen de beslistermijn door de gemeente op gereageerd, waardoor van rechtswege een omgevingsvergunning verleend is. De gemeente weigerde echter te erkennen dat er van rechtswege een vergunning verleend zou zijn. Merwehave B.V. was het hier niet mee eens en is vervolgens naar de rechter gegaan en die gaf Merwehave B.V. gelijk. De omgevingsvergunning werd dus verleend.
Onder andere Jumbo was het niet eens met de beslissing van de rechtbank. Zij menen dat er geen supermarkt gebouwd zou mogen worden op de projectlocatie omdat het niet in overeenstemming zou zijn met het bestemmingsplan. Jumbo heeft namelijk in de buurt al Jumbo-supermarkten gevestigd. Om alsnog voor een omgevingsvergunning in aanmerking te kunnen komen had volgens Jumbo niet kunnen volstaan met reguliere voorbereidingsprocedure. In hoger beroep wordt echter geoordeeld dat de omgevingsvergunning wel degelijk alsnog terecht verleend is, zoals de rechtbank al eerder oordeelde.
Het voorgaande betekent dat de omgevingsvergunning afgegeven moet worden. Daarmee is er nog gene eind gekomen aan het geschil. Tegen de verlening van de omgevingsvergunning is opnieuw bezwaar gemaakt en heeft de gemeente alsnog besloten de omgevingsvergunning (op andere gronden) in te trekken. Het juridisch getrouwtrek zal nog wel even voortduren.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Inbreuk op exclusief verzorgingsgebied door franchisegever in verband met formulewijziging d.d. 27 februari 2017
Op 30 januari 2017 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland, ECLI:NL:RBNHO:2017:688 (Intertoys/franchisenemer) de vraag voorgelegd gekregen hoe omgegaan moet worden met het
Prognoses bij startup franchiseformule
Het gerechtshof Amsterdam oordeelde op 14 februari 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:455 (Tot Straks/franchisenemer) over de vraag of de franchisegever een ondeugdelijke prognose verschaft had en de
Verplicht overdragen franchiseonderneming aan franchisegever?
De rechtbank Amsterdam heeft op 23 januari 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:412 (CoffeeCompany/Dam Spirit B.V.) een vonnis gewezen over de vraag of een franchisenemer bij een beëindiging van de samenwerking
Overdracht klantendata aan franchisegever
Het gerechtshof Amsterdam oordeelde in het arrest van 10 januari 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:68 (OnlineAccountants.nl) onder meer over de vraag hoe klantendata moet worden overgedragen.
Uitverkoop bij bedrijfsbeëindiging franchisenemer – wie krijgt de uitverkoopopbrengst?
In het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland d.d.12 oktober 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:5061 (Bewindvoerder/Expert Groep en Rabobank) stond de vraag centraal of de franchisegever tezamen met de bank
Column Franchise+ – mr. Th.R. Ludwig: “Rechter: zorgplicht franchisegever vergelijkbaar met die van een bank”
Diverse uitspraken in 2016 hebben duidelijk gemaakt hoe hoog de zorgvuldigheidsnorm voor een franchisegever jegens zijn franchisenemers ligt.



