Concurrentieverbod in de franchiseovereenkomst ontduiken – mr. A.W. Dolphijn – d.d. 10 november 2020
Een concurrentieverbod in een franchiseovereenkomst wordt door franchisenemers vaak als bezwaarlijk ervaren, temeer als het concurrentieverbod ook geldt na afloop van de franchiseovereenkomst. De Wet franchise stelt wel enige beperkingen aan dit verbod, maar een dergelijk verbod is nog steeds mogelijk. Soms wordt getracht het concurrentieverbod te omzeilen. Zie bijvoorbeeld die hier becommentarieerde uitspraak: https://bit.ly/3piUbyK
In een opmerkelijke kwestie oordeelde de voorzieningenrechter op 22 oktober 2020 (ECLI:NL:RBGEL:2020:5763) dat een voormalig franchisenemer het concurrentieverbod niet overtreden had, alhoewel de voormalig franchisenemer de winkel verhuurde aan een vriendin die er vergelijkbare activiteiten voortzette.
De franchiseovereenkomst bepaalde onder meer het volgende:
Gelet op de bescherming van (de…) Formule zal Franchisenemer gedurende een periode van twee jaar na beëindiging van deze Overeenkomst binnen het Rayon niet direct of indirect, zelfstandig of in dienstverband of in de vorm van welke vennootschap of rechtsvorm dan ook, werkzaam zijn of anderszins betrokken zijn, in welke vorm dan ook, bij activiteiten die soortgelijk zijn aan (de…) Formule of de door Franchisegever in het kader van deze Overeenkomst uitgeoefende activiteiten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de voormalig franchisenemer feitelijk niet (meer) in staat was de winkel te sluiten en geen zeggenschap had over de nieuwe onderneming. Van het overtreden van het concurrentieverbod was dus geen sprake, aldus de rechtbank. Van het ontduiken van het concurrentieverbod was dus geen sprake. Men kan zich afvragen of er toch niet sprake is van betrokkenheid bij de concurrerende activiteiten, zoals bedoeld in het post-non-concurrentiebeding, als er sprake is van (onder)verhuur aan een derde die concurrerende activiteiten op dezelfde locatie voortzet. Steeds weer zal een concrete situatie beoordeeld dienen te worden op de specifieke merites om te kunnen vaststellen of er sprake is van overtreding van het concurrentieverbod.
Mr. A.W. Dolphijn – franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt u reageren? Ga naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Nieuwe beleidsregels beoordeling (fictieve) dienstbetrekking franchising
Onlangs is er van de zijde van de staatssecretaris van financiën nadere duidelijkheid geschapen omtrent de beoordelingscriteria inzake de zelfstandigheid van de franchisenemer.
Rayonbescherming: een nuance.
In de meeste franchise-overeenkomsten is een exclusief gebied opgenomen ten behoeve van de franchisenemer. De kern van die exclusiviteit is dat noch de franchisegever noch collega-franchisenemers
Rayonbescherming II: inperking van het exclusieve gebied.
In vervolg op de bijdrage in de vorige Nieuwsbrief wordt deze keer ingegaan op de (mogelijkheden van) inperking van het exclusieve franchisegebied. In de meeste franchise-overeenkomsten
Horeca-overeenkomsten
Onlangs heeft de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) een besluit genomen ten aanzien van de door Heineken ter ontheffing voorgelegde bierleveringsovereenkomsten.
Ongeoorloofde geschillenregelingen binnen franchise-organisaties
Franchise-overeenkomsten bevatten een enkele keer geschillenregelingen die bevoegdheden toekennen aan de franchisenemer(s), de franchiseraad en/of een franchisevereniging.
Het recht op de formulenaam bij beëindiging van de franchiserelatie
In de praktijk doen zich met enige regelmaat discussies voor bij beëindiging van de franchiserelatie tussen een franchisegever en één of meerdere franchisenemers