Niet alles wat op franchise lijkt, is juridisch ook echt franchise
Dat blijkt uit een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 17 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:2760). In deze zaak werkten twee partijen al jaren samen rond het beheer van een klantenportefeuille voor hypotheken en verzekeringen. Toen de samenwerking eindigde, ontstond discussie over de juridische aard van die samenwerking.
De rechter oordeelde voorlopig dat geen sprake was van een franchiseovereenkomst. Daarbij woog vooral mee dat niet duidelijk genoeg was geworden dat de ene partij bijzondere kennis en werkwijzen (knowhow) had overgedragen aan de andere partij. Juist dat is een belangrijk kenmerk van franchise.
Dat is van belang, omdat de wettelijke bescherming voor franchisenemers alleen geldt als juridisch echt sprake is van franchise. In deze zaak kon de vertrekkende partij zich daarom niet met succes beroepen op die speciale regels. Een relatiebeding bleef dus in stand.
Niet het etiket, maar de inhoud van de samenwerking is beslissend. Wie zekerheid wil, doet er verstandig aan vooraf goed vast te leggen wat voor soort samenwerking wordt aangegaan.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Arbitraal beding van toepassing op franchiseovereenkomst? Misschien toch niet
In franchiseovereenkomsten treft men zo nu en dan een arbitrageclausule aan.
Bestuurdersaansprakelijkheid bij een onjuiste prognose
De rechtbank Rotterdam heeft op 4 februari 2015 een vonnis gewezen over onder meer de vraag of de bestuurder van een verkopende rechtspersoon aansprakelijk was.
(Bestuurders- en aandeelhouders)aansprakelijkheid bij overgang c.q. afbouw franchiseformule
(Bestuurders- en aandeelhouders)aansprakelijkheid bij overgang c.q. afbouw franchiseformule
C1000 verliest hoger beroep inzage C1000-deal
C1000 verliest hoger beroep inzage C1000-deal
Supermarktbrief – 9
Vereniging C1000 verliest hoger beroep inzage C1000 deal
Tussentijdse ontbinding franchiseovereenkomst door franchisenemer bij verlieslatende exploitatie mogelijk?
Onlangs is door het Gerechtshof arrest gewezen in een voor de franchisepraktijk zeer relevante kwestie.
