Niet alles wat op franchise lijkt, is juridisch ook echt franchise
Dat blijkt uit een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 17 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:2760). In deze zaak werkten twee partijen al jaren samen rond het beheer van een klantenportefeuille voor hypotheken en verzekeringen. Toen de samenwerking eindigde, ontstond discussie over de juridische aard van die samenwerking.
De rechter oordeelde voorlopig dat geen sprake was van een franchiseovereenkomst. Daarbij woog vooral mee dat niet duidelijk genoeg was geworden dat de ene partij bijzondere kennis en werkwijzen (knowhow) had overgedragen aan de andere partij. Juist dat is een belangrijk kenmerk van franchise.
Dat is van belang, omdat de wettelijke bescherming voor franchisenemers alleen geldt als juridisch echt sprake is van franchise. In deze zaak kon de vertrekkende partij zich daarom niet met succes beroepen op die speciale regels. Een relatiebeding bleef dus in stand.
Niet het etiket, maar de inhoud van de samenwerking is beslissend. Wie zekerheid wil, doet er verstandig aan vooraf goed vast te leggen wat voor soort samenwerking wordt aangegaan.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Kan uitsluiting van dwaling bij prognoses de franchisegever baten?
Franchisegevers worden er nogal eens van beticht dat zij voorafgaand en bij het sluiten van een franchiseovereenkomst
Dwaling omtrent prognose, vernietiging non-concurrentiebeding?
Dwaling omtrent prognose, vernietiging non-concurrentiebeding?
Hoofdstuk in boek NFV over import en export van franchiseformules, geschreven door mr. Th.R. Ludwig
Hoofdstuk in boek NFV over import en export van franchiseformules, geschreven door mr. Th.R. Ludwig
Moties PVV verbeteringspositie franchisenemers
Moties PVV verbeteringspositie franchisenemers
Veranderingen bij Albert Heijns hard franchise formule
Veranderingen bij Albert Heijn’s 'hard franchise' formule
Geen bemiddelingsfee van één miljoen gulden voor ontwikkeling supermarktvastgoed
Geen bemiddelingsfee van één miljoen gulden voor ontwikkeling supermarktvastgoed