Zijn autodealers franchisenemers
De zaak tussen voormalige Opel-, Peugeot-, Citroën- en DS-dealers en Stellantis is belangrijk voor ondernemers die werken onder de vlag van een bekend merk.
De centrale vraag is: zijn deze dealers en reparateurs franchisenemers? Dat maakt veel uit. Als sprake is van franchise, gelden de beschermende regels van de Wet franchise. Die regels gaan onder meer over informatie, overleg, wijzigingen van de formule, goodwill en beperkingen na het einde van de samenwerking.
De rechtbank vond eerder van niet. Volgens de rechtbank ontbrak een belangrijk element van franchise: een vergoeding voor het recht om een franchiseformule te exploiteren. Het hof kwam ook tot de conclusie dat geen sprake was van franchise, maar om een andere reden. Volgens het hof was onvoldoende aangetoond dat alle betrokken dealers en reparateurs een uniforme Stellantis-formule exploiteerden. Veel dealers traden juist onder hun eigen naam naar buiten, hadden een eigen regionale reputatie en werkten soms met meerdere automerken.
De advocaat-generaal bij de Hoge Raad adviseert nu om het oordeel van het hof in stand te laten. Dat advies is nog geen definitieve uitspraak. De Hoge Raad moet uiteindelijk zelf beslissen.
Volgens de advocaat-generaal is in deze zaak geen sprake van franchise. De dealers en reparateurs moesten wel aan allerlei merk- en kwaliteitseisen voldoen, bijvoorbeeld over showroominrichting, service, trainingen en verkoopstandaarden. Maar zulke eisen kunnen ook horen bij gewone merkdistributie.
Het verschil zit in de vraag waar de onderneming echt om draait. Gaat het vooral om het verkopen en onderhouden van auto’s van een bepaald merk? Of exploiteert de ondernemer een complete franchiseformule, met één herkenbare identiteit en uitstraling naar buiten toe?
Het belang van deze zaak is groot. Zij maakt duidelijk dat niet iedere ondernemer die afhankelijk is van een groot merk automatisch franchisenemer is. Tegelijk wordt niet uitgesloten dat een dealerrelatie in een ander geval wél franchise kan zijn. Dat hangt af van de concrete afspraken en van hoe de samenwerking in de praktijk werkt.
Merkafhankelijkheid is dus nog geen franchise. Voor toepassing van de Wet franchise moet sprake zijn van echte exploitatie van een franchiseformule. De Hoge Raad heeft daarover nu het laatste woord.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Ondeugdelijke prognose door ontbreken vestigingsplaatsonderzoek
De rechtbank Den Haag heeft op 21 maart 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:3348 geoordeeld dat een prognose van een franchisegever ondeugdelijk was, waardoor de franchisenemer gedwaald had en de franchisegever
Omzeilen post non-concurrentiebeding bij franchising
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 3 april 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:3128, een vonnis in kort geding van de rechtbank Gelderland over concurrerende activiteiten vernietigd.
Column Franchise+ – “Verbod verkoop via internetplatforms in franchiseovereenkomst vrijgesteld van kartelverbod”
Eind vorig jaar haalde Thuisbezorgd.nl de woede van vele maaltijdbezorgers op haar hals door wederom een tariefverhoging aan te kondigen. Het standaardtarief van Thuisbezorgd.nl bereikte daarmee een
Column Franchise+ – “Geschillen over franchisefee”
Het is de laatste tijd flink raak bij ook de allergrootste franchiseorganisaties van Nederland. Bij de formules van Albert Heijn, Hema, Etos, Bruna en Olympia werd en wordt er bijvoorbeeld flink
Ludwig & Van Dam sponsor van de Franchise Trofee 2018
Op 24 mei 2018 zullen VVD-kamerlid Martin Wörsdörfer en ID&T-oprichter Duncan Stutterheim namens de Nederlandse Franchise Vereniging de Franchise Trofee 2018 uitreiken.
Column Franchise+ – “Knallende ruzies over franchise fee moeten stoppen”
Het is de laatste tijd flink raak bij ook de allergrootste franchiseorganisaties van Nederland. Bij de formules van Albert Heijn, HEMA, Etos, Bruna en Olympia werd en wordt er bijvoorbeeld flink




