Artikel De Nationale Franchise Gids: “Informatieverplichtingen van de beoogd franchisenemer onder de Wet franchise” – d.d. 7 augustus 2020 – mr. A.W. Dolphijn
Alhoewel de Wet franchise tot doel heeft franchisenemers te beschermen
tegen franchisegevers, zijn er ook een aantal verplichtingen voor
franchisenemers bepaald. Met name ten aanzien van de fase voorafgaand aan
het sluiten van de franchiseovereenkomst gelden er een aantal
uitdrukkelijke wettelijke regels die zien op de beoogd franchisenemer.
De beoogd franchisenemer dient, voor het sluiten van de
franchiseovereenkomst, aan de franchisegever tijdig informatie over zijn
eigen financiële positie te verstrekken, voor zover deze redelijkerwijs van
belang is. De exploitatie van de franchiseformule vergt immers zowel bij
aanvang als gedurende de franchiserelatie investeringen aan de zijde van de
franchisenemer. In de precontractuele fase zal de franchisenemer dan ook
informatie ter beschikking moeten stellen aan de franchisegever die blijk
geeft van de (te verkrijgen) financiële ruimte en dekking om dergelijke
investeringen te kunnen doen.
De beoogd franchisenemer dient verder, binnen de grenzen van redelijkheid
en billijkheid, de nodige maatregelen te treffen om te voorkomen dat hij
onder de invloed van onjuiste veronderstellingen overgaat tot het sluiten
van de franchiseovereenkomst. De beoogd franchisenemer dient dus een zeker
onderzoek in te stellen. Daartoe kunnen in ieder geval worden gerekend het
deugdelijk bestuderen van de van de franchisegever ontvangen informatie,
het zo nodig tijdig inschakelen van deskundige bijstand en eventueel het
doen van navraag bij andere franchisenemers binnen de keten omtrent hun
ervaringen met de exploitatie van de betreffende franchiseformule.
Als een (beoogd) franchisenemer, achteraf bezien, franchisegevers niet,
niet goed of niet volledig geïnformeerd hebben, dan kan met de Wet
franchise de geldigheid van de franchiseovereenkomst aangetast worden. Ook
zou een franchisenemer schadeplichtig kunnen zijn op grond van het handelen
in strijd met de wet.
Mr. A.W. Dolphijn – franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt
u reageren? Ga naar dolphijn@ludwigvandam.nl
Andere berichten
Supermarktbrief – 18
Kan een ondernemer verplicht worden een andere supermarktformule te gaan exploiteren?
Artikel in Entree: “Nieuwe eigenaar”
“De horecaonderneming waar ik werk is overgenomen. De nieuwe eigenaar zegt nu dat ik niet meer voor hem hoef te werken, maar kan hij mij als werknemer weigeren?”
Bestuurdersaansprakelijkheid bij afwikkeling franchiseovereenkomst
Kan in privé de bestuurder van een franchisenemer-rechtspersoon aansprakelijk zijn jegens de franchisegever, indien de franchisenemer-rechtspersoon ten onrechte zaken niet aan de franchisegever
Artikel in Entree: “Huurprijzen”
“De verhuurder verhoogde jaarlijks de prijzen van het pand, maar sinds 2 jaar doet hij dit niet meer, misschien vergeet hij het wel. Mag hij een achterstallig bedrag later alsnog opeisen?”
Column Franchise + – mr. Th.R. Ludwig: “Op weg naar risicoaansprakelijkheid”
Onlangs heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een prognosekwestie.
Geen geldig beroep op non-concurrentiebeding bij franchising
De voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland heeft op 28 februari 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:1469, beslist over de vraag of een franchisenemer gehouden kon worden aan een non-concurrentiebeding.






