Belangrijke informatie voor bestuurders van franchisenemersverenigingen: Online vergaderen en besluiten nemen in tijden van corona – d.d. 10 april 2020 – mr. J. Sterk
Belangrijke informatie voor bestuurders van franchisenemersverenigingen.
Online vergaderen en besluiten nemen in tijden van corona
Wij informeren u hierbij over de maatregelen die de overheid inmiddels
treft om ook in deze coronacrisis uw bestuurstaken naar behoren te kunnen
vervullen. Naar verwachting zal de Tweede Kamer aankomende week een besluit
nemen over tijdelijke voorzieningen die daartoe strekken. Kortheidshalve
mag ik u verwijzen naar onderstaande link.
https://www.tweedekamer.nl/debat_en_vergadering/commissievergaderingen/details?id=2020A01589
Deze noodwet bevat voorzieningen welke er, kort samengevat, op neer komen
dat ook zonder fysiek samenkomen binnen de verenigingsstructuur
rechtsgeldige besluiten kunnen worden genomen. In artikel 6 van de noodwet
is dit geregeld voor verenigingen. Het wordt daarin mogelijk gemaakt om ook
zonder fysieke toegang voor leden algemene ledenvergaderingen langs
elektronische weg te houden. Ook als dit in de statuten niet is geregeld.
Hiertoe gelden enkele vereisten.
-
Leden zijn tot uiterlijk 72 uur voorafgaand aan de vergadering in de
gelegenheid gesteld om schriftelijk/elektronisch vragen te stellen over
de onderwerpen die bij de oproeping/agenda zijn vermeld. -
Deze vragen worden tijdens de vergadering behandeld en de antwoorden
dienen elektronisch ter beschikking te worden gesteld aan de leden. -
Besturen dienen zich in te spannen om ook tijdens de vergadering langs
elektronische weg de gelegenheid tot het stellen van vragen te bieden. -
Indien er desondanks een afwijking plaatsvindt van het hiervoor onder
sub 2 en 3 vermelde, heeft het geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid
van de besluitvorming in de ALV. -
Ten slotte kan eveneens elektronisch worden gestemd, ook als dit in de
statuten (nog) niet is geregeld.
Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de impasse die is ontstaan doordat
besturen enerzijds een statutaire verplichting kennen om ten minste éénmaal
per jaar een algemene ledenvergadering te houden, maar anderzijds nu fysiek
niet kunnen samenkomen.
Juist in deze crisistijden is het van belang dat besturen collectief met
zowel de franchisegever als de achterban in overleg blijven en voor zoveel
mogelijk op collectief niveau afspraken moeten worden gemaakt ter
tegemoetkoming aan de belangen van franchisenemers, compensatie, althans
een andere invulling van de franchiseformule.
Indien u vragen heeft over de wijze waarop u als bestuur hierin kunt
acteren, kunt u uiteraard contact met ons opnemen.
Mr. J. Sterk – franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt u reageren? Ga naar sterk@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Schending zorgplicht tast exoneratie aan
In een geschil over een beroep op exoneratiebeding in de franchiseovereenkomst door de franchisegever, is overwogen dat rekening gehouden dient te worden met de aard van de franchiseovereenkomst
Supermarktbrief – 5
Verwerving supermarktlocatie door opzegging huurovereenkomst ten koste van zittende huurder mag van Hoge Raad.
Verwerving supermarktlocatie door opzegging huurovereenkomst ten koste van zittende huurder mag van Hoge Raad
Op 25 april 2014 heeft de Hoge Raad ten tweede male bevestigd dat de wachttijd van drie jaar bij opzegging van de huurovereenkomst winkelruimte wegens dringend eigen gebruik na koop van het onroerend
Eenzijdige collectieve fee-verhoging door franchisegever ongeoorloofd
In een belangwekkende uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 23 april 2014, lag de vraag voor of een franchisegever een verhoging van een bijdrage mocht doorvoeren.
Belangen Vereniging Franchisenemers Nederland (BVFN) voert nader overleg met de Minister
Op 16 april 2014 heeft het al aangekondigde gesprek tussen de Belangen Vereniging Franchisenemers Nederland (BVFN), en het Ministerie van Economische Zaken plaatsgevonden.
Exoneratie zorgplicht bij prognose franchisegever
In een uitspraak van de rechtbank Overijssel van 9 april 2014, kwam de interessante vraag aan de orde of een samenwerking als franchise gekwalificeerd diende te worden.
