Franchisegever verbiedt opening (franchise)onderneming
Een franchisegever vorderde in kort geding om een franchisenemer te verbieden om de onderneming van een franchisenemer te openen. Zie rechtbank Noord-Nederland 26 juni 2018, ECLI:NL:RBNNE:2018:2428. De franchisegever meende dat de franchisenemer ten onrechte geen overleg gevoerd had met de franchisegever voor de opening van de onderneming, waartoe de franchisenemer 80 à 100 mensen had uitgenodigd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de franchisenemer wanprestatie pleegt door doelbewust buiten de franchiseovereenkomst om een opening van de onderneming te plannen zonder daarbij te verwijzen naar de franchisegever, terwijl vaststaat dat de onderneming dankzij de franchiseovereenkomst is opgezet. Bovendien is vastgesteld dat franchisegever en franchisenemer nu juist afgesproken hadden dat de opening van de onderneming in gezamenlijk overleg zou plaatsvinden. De voorzieningenrechter verbiedt de door de franchisenemer geplande officiële opening van de onderneming, ondanks dat de uitnodigingen al verzonden waren en de planning al vaststond.
Mr. A.W. Dolphijn – franchiseadvocaat
Ludwig & Van Dam Franchise advocaten, franchise juridisch advies. Wilt u reageren? Ga naar dolphijn@ludwigvandam.nl.

Andere berichten
Mooi weer als excuus?
Regelmatig wordt in rechte discussie gevoerd over de vraag of tegenvallende bezoekersaantallen
Hoe komt de (onder)huurovereenkomst tot stand?
Zoals bekend is het huurrecht voor een groot deel onderworpen aan (semi) dwingend recht.
Contractsvrijheid in franchising
Het post contractueel non-concurrentiebeding in de franchiseovereenkomst is wellicht het meest bediscussieerde beding in franchiseland.
Restyling, winkelinrichting
Binnen franchise-organisaties komt het geregeld voor dat de complete winkelinrichting dient te worden vervangen.
Master-franchising: let op uw saeck
In toenemende mate doet het verschijnsel master-franchising haar intrede in Nederland.
Voor alle duidelijkheid
De laatste periode laat de praktijk zien dat discussies betreffende goodwillbetalingen bij het einde van een franchisesamenwerking nog altijd talrijk zijn.