Franchisenemers: sluit geen arbitrageclausules maar wel een rechtsbijstandsverzekering

Bij conflicten tussen franchisegever en franchisenemer komt het nogal eens voor dat partijen niet met gelijke wapens strijden. Dit kan onder meer gelegen zijn in het feit dat de franchise-overeenkomst een arbitraal beding bevat. Arbiters dienen door partijen te worden bekostigd. De kosten van een dergelijke procedure kunnen alleen daardoor bijzonder hoog uitpakken. In de praktijk brengt dit meer dan eens met zich mee dat de franchisenemer niet in staat is te procederen tegen de franchisegever, die doorgaans wat beter in staat is om arbiters te financieren. Gevolg: de franchisenemer heeft geen mogelijkheden om een arbitrale procedure te starten of zich soms zelfs maar te verweren. Arbitrale bedingen in franchise-overeenkomsten brengen dus rechtsongelijkheid met zich mee. Van equality of arms, een van de uitgangspunten in een beschaafde rechtstaat, is alsdan geen sprake.

Daarnaast is het voor een franchisenemer meer dan eens problematisch zich van rechtshulp te verzekeren, wanneer deze geïndiceerd is. Indien de franchisenemer een advocaat in de arm dient te nemen, valt het lang niet altijd mee deze dienstverlener te betalen. Dit probleem kan worden ondervangen wanneer de franchisenemer zich bij het aangaan van de franchise-overeenkomst verzekert van rechtsbijstand door middel van het sluiten van een rechtsbijstandsverzekering. Op die wijze wordt voorkomen dat reeds op financiële gronden de franchisenemer zich niet kan voorzien van adequate rechtshulp.

Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten

Overeenkomsten die samenhangen met de franchiseovereenkomst

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 31 oktober 2017 voor negentien franchisenemers gelijkluidende arresten gewezen (ECLI:NL:GHARL:2017:9453 t/m ECLI:NL:GHARL:2017:9472).

Column Franchise+ – mr. J. Sterk – “Franchisenemer doet bodycheck beter dan franchisecheck”

Een sportschool gaat in zee met een franchiseconcept dat in samenwerking met zorgverzekeraars “Bodychecks” en kortingen aanbiedt aan (potentiële) leden.

Seminar mrs. J. Sterk en M. Munnik – Donderdag 2 november 2017: “Belangrijke juridische ontwikkelingen voor franchisegevers”

Advocaten Jeroen Sterk en Maaike Munnik van Ludwig & Van Dam Advocaten praten u bij over de status van en de ontwikkelingen rondom De Nederlandse Franchise Code en de Wet Acquisitiefraude.

Door Jeroen Sterk|02-11-2017|Categorieën: Franchise overeenkomsten, Prognose-problematiek, Uitspraken & actualiteiten|Label: , |

Goodwill bij einde franchiseovereenkomst

In een kwestie bij het gerechtshof Amsterdam 26 september 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:3900 (Seal & Go) vorderde een franchisenemer een vergoeding van goodwill (ex artikel 7:308 BW) nadat de

Doorbelasting te hoge kostprijs als verborgen franchise fee

Uit een tussenvonnis van de rechtbank Den Haag van 30 augustus 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:10597 (Happy Nurse) blijkt dat de rechtbank zich gebogen heeft over de vraag of de door de franchisegever aan de

Ga naar de bovenkant