Huurprijsindexering onrealistisch hoog

Door Gepubliceerd Op: 04-09-2023Categorieën: Uitspraken & actualiteitenLabel: ,

Geldt een overeengekomen huurprijsindexering altijd? De rechtbank Den Haag oordeelde op 4 mei 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:8786, dat een huurprijsindexering op basis van de wijziging van de CPI van het CBS niet verhoogd kon worden. De huurprijsverhoging was onrealistisch hoog.

In de huurovereenkomst stond opgenomen dat de huurprijs jaarlijks werd geïndexeerd conform de veelgebruikte indexeringsclausule. De indexatie vond plaats op basis van de wijziging van de CPI van het CBS. Op basis daarvan zou de huurprijs verhoogd wordt met 14,5% met ingang van 1 januari 2023. De oorzaak van de sterke verhoging is gelegen in feit dat de energieprijzen als gevolg van de oorlog in Oekraïne zeer aanzienlijk waren gestegen.

Het CBS had inmiddels medegedeeld dat zij een nieuwe berekeningsmethode voor de huurprijsindexatie had vastgesteld, waardoor er een lager percentage zou gelden met ingang van juni 2023. Dat het CBS de nieuwe methode pas met ingang van juni 2023 zou gaan toepassen, wil volgens de rechter niet zeggen dat nog altijd de oude methode moet worden gehanteerd. Volgens de rechter is namelijk op voorhand voldoende aannemelijk dat de toepassing van de oude berekeningsmethode per 1 januari 2023 tot een te hoog, niet reëel prijsindexcijfer heeft geleid.

De vordering van de verhuurder tot verhoging van de huurprijs aan de hand van de indexering op basis van de wijziging van de CPI van het CBS werd door de rechter afgewezen.

Uit deze uitspraak volgt dat een overeengekomen huurprijsindexering niet onaantastbaar is, ondanks dat het zwart op wit afgesproken is.

mr. A.W. Dolphijn
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten

Franchisegevers mogen geen wijziging van winkeltijden meer opleggen – 12 februari 2019 – mr. A.W. Dolphijn

Eind 2018 is een concept van de “Wet keuzevrijheid openingstijden winkeliers” gepresenteerd.

Door Alex Dolphijn|12-02-2019|Categorieën: Franchise overeenkomsten, label11, Supermarkten, Uitspraken & actualiteiten|Label: , |

Wanneer gaat een franchisegever te ver bij de werving van franchisenemers?

In het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 5 februari 2019 was aan de orde of de franchisegever bij de werving van de franchisenemers ontoelaatbaar gehandeld had.

Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR) adviseert staatssecretaris Keijzer over Wet Franchise

Kort samengevat wordt allereerst geadviseerd franchisegevers en franchisenemers actief te informeren over deze wetswijziging.

Post non-concurrentieverbod bij diensten- en verkoopfranchise

Als een franchiseovereenkomst eindigt, dan stuiten veel franchisenemers op een verbod in de franchiseovereenkomst om gedurende een bepaalde tijd daarna vergelijkbare werkzaamheden te verrichten

Het concept van de Wet Franchise: impact voor franchisegevers en franchisenemers – d.d. 5 februari 2019 – mr. A.W. Dolphijn

Ludwig & Van Dam advocaten denkt dat als het ontwerp van de Wet Franchise daadwerkelijk wet zal worden, er heel wat zal veranderen voor franchisegevers en franchisenemers.

Koop franchiseonderneming en de ontslagen zieke werknemer van 7 jaar geleden

De vraag is of een franchisenemer van Bruna, bij de verkoop van de franchiseonderneming aan Bruna, had moeten mededelen dat zeven jaar geleden een werknemer ziek uit dienst was getreden.

Ga naar de bovenkant