Mag een franchisenemer gelijktijdig voor een concurrent optreden?
Het Gerechtshof Amsterdam wees op 16 september 2025 arrest in een kort geding tussen Tommy Hilfiger Europe (THE) en AWWG/Pepe Jeans (ECLI:NL:GHAMS:2025:2394).
THE en AWWG waren al sinds begin jaren 2000 verbonden door franchise- en agentuurovereenkomsten voor Spanje en Portugal. Toen AWWG in 2024 agentuurovereenkomsten sloot met Karl Lagerfeld en DKNY, merken van de Amerikaanse modegroep G-III die tevens een aandelenbelang in AWWG verwierf, vorderde THE een verbod op die samenwerking wegens strijd met non-concurrentie-, informatie- en geheimhoudingsbedingen in onder andere de franchiseovereenkomsten.
Het hof bekrachtigde de afwijzing door de voorzieningenrechter. Doorslaggevend was dat AWWG haar plannen in april 2024 kenbaar had gemaakt en dat THE daarop niet reageerde. Pas in augustus volgde een formele klacht. AWWG mocht daarom aannemen dat bezwaren uitbleven. Het beroep op het ontbreken van schriftelijke toestemming werd niet kansrijk geacht. Bovendien was de gestelde schade onvoldoende onderbouwd en waren er geen aanwijzingen dat vertrouwelijke informatie met G-III werd gedeeld.
De uitspraak onderstreept dat franchisegevers hun rechten tijdig en concreet moeten uitoefenen. Een beroep op contractuele non-concurrentie of geheimhouding zonder onderbouwde schending en aantoonbare schade biedt in kort geding weinig kans.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Overdracht klantendata aan franchisegever
Het gerechtshof Amsterdam oordeelde in het arrest van 10 januari 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:68 (OnlineAccountants.nl) onder meer over de vraag hoe klantendata moet worden overgedragen.
Uitverkoop bij bedrijfsbeëindiging franchisenemer – wie krijgt de uitverkoopopbrengst?
In het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland d.d.12 oktober 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:5061 (Bewindvoerder/Expert Groep en Rabobank) stond de vraag centraal of de franchisegever tezamen met de bank
Column Franchise+ – mr. Th.R. Ludwig: “Rechter: zorgplicht franchisegever vergelijkbaar met die van een bank”
Diverse uitspraken in 2016 hebben duidelijk gemaakt hoe hoog de zorgvuldigheidsnorm voor een franchisegever jegens zijn franchisenemers ligt.
Gebruik van internet en sociale media: rechter verruimt mogelijkheden franchisenemers
De franchisenemer mag in beginsel niet worden verboden een eigen website te hebben om zijn producten of diensten tevens of zelfs uitsluitend via internet te verkopen.
Artikel in Entree: “Planschade”
“Doordat de gemeente van alles onderneemt en verbouwt in de omgeving van mijn zaak, heb ik nadeel en lijd ik schade. Kan ik die verhalen?”
Artikel in Entree: “Geurregels”
“Ik heb last van de geur die de naastgelegen horecazaak produceert. Kan ik hier iets tegen doen?”.



