Afbouw van een franchiseformule; franchisegever Yarden wederom gesanctioneerd met vertienvoudiging dwangsommen
Franchisegever Yarden blijft de formule afbouwen. Zij doet dat mede doordat zij relaties en (potentiële) klanten blijft verwijzen naar een concurrent Dela, waarmee zij gefuseerd is. Dit doet zij ondanks een eerder gerechtelijk verbod. De rechtbank Midden-Nederland vertienvoudigd in een vonnis van 15 november 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:4671, de eerder opgelegde dwangsom.
Het klantencontactcentrum van Yarden was na de fusie van Yarden met Dela geïntegreerd in het klantencontactcentrum van Dela. Hierdoor worden telefonische aanvragen bij het 0800-nummer van Yarden, voor het verzorgen van (aanstaande) uitvaarten, ten onrechte soms naar Dela verwezen in plaats van naar franchisenemers van Yarden. Franchisegever Yarden was reeds veroordeeld om relaties en (potentiële) klanten niet door te verwijzen naar concurrent Dela, op straffe van dwangsommen. Zie rechtbank Midden-Nederland, 29 juli 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:3148, zie verder: https://bit.ly/3xPUmHG
Yarden is er voorts volgens de franchisenemers niet in geslaagd om haar klantencontactcentrum op orde te krijgen. De franchisenemers hebben steekproeven gedaan en daarbij “mystery calls” gedaan naar het 0800-nummer van Yarden. De franchisenemers hebben daartoe het verzorgen van uitvaarten aangemeld bij Yarden, die zij reeds (rechtstreeks) zonder tussenkomst van Yarden, aangenomen hadden. Volgens de franchisenemers was dit de enige manier om de franchisegever te controleren op het nakomen van het eerdere gerechtelijke verbod.
De franchisenemers hebben dwangsommen verbeurd laten verklaren. De franchisegever heeft daarop in kort geding gevorderd dat de dwangsommen niet verschuldigd zijn aan de franchisenemers. Als tegeneis hebben de franchisenemers verhoging van de dwangsommen gevorderd.
De franchisegever stelt dat de dwangsommen niet verbeurd zouden zijn en dat zij de nodige inspanningen gedaan zou hebben om te voorkomen dat zij naar concurrent Dela verwijst. Ook stelt de franchisegever dat niet zij, maar een groepsmaatschappij, te weten onderdelen van Dela waarmee zij gefuseerd is, verantwoordelijk zijn voor de fouten in de doorverwijzingen. De Franchisegever stelt verder dat de franchisenemers bovendien geen schade lijden door de “mystery calls”. De franchisenemers hadden immers de opdrachten voor betreffende uitvaarten al gekregen.
De rechtbank oordeelt dat van de nodige inspanningen van de franchisegever onvoldoende gebleken is. Yarden kan zich als franchisegever ook niet verschuilen achter groepsmaatschappijen, zoals de rechtbank al in het vonnis van 29 juli 2022 vastgesteld had. Verder bepaalt de rechtbank dat het doorverwijsverbod ziet op de methode van doorverwijzen en niet op louter gemiste uitvaarten. De franchisenemers hebben geen andere mogelijkheid om de doorverwijzingsmethodiek van Yarden te verifiëren dan met “mystery calls”. Tot slot oordeelt de rechtbank dat de opgelegde dwangsommen tot doel hebben een prikkel tot nakoming te bewerkstelligen en dat de opgelegde dit effect onvoldoende bewerkstelligen.
De rechtbank stelt Yarden in het ongelijk en veroordeelt Yarden wederom om relaties en (potentiële) klanten naar Dela te verwijzen, waarbij de dwangsommen vertienvoudigd worden.
Het kan soms niet eenvoudig zijn voor franchisenemers om de afbouw van een franchiseformule te bewijzen. Door actief te acteren kan er echter onder omstandigheden een goede vuist gemaakt worden.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Codificatie of zelfregulering in de franchisesector
Codificatie of zelfregulering in de franchisesector
Huurrecht en franchise: goedkeuring van afwijkende bedingen in de huurovereenkomst, ondanks wezenlijke aantasting en het ontbreken van een gelijkwaardige maatschappelijke positie tussen de huurder en verhuurder
Huurrecht en franchise: goedkeuring van afwijkende bedingen in de huurovereenkomst.
Overdracht bedrijf franchisenemer: franchisegever faciliteert franchisenemer correct bij afwikkeling
Op 12 november 2014 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een zaak tussen de franchisegever en de franchisenemer over de rechtmatigheid van de beëindiging van de franchiseovereenkomst.
Franchising als dringend eigen gebruik
In een arrest van 18 november 2014, heeft het gerechtshof te Den Bosch zich onder meer gebogen over de vraag of een verhuurder de huur van een bedrijfsruimte mag opzeggen wegens dringen eigen gebruik.
Kan uitsluiting van dwaling bij prognoses de franchisegever baten?
Franchisegevers worden er nogal eens van beticht dat zij voorafgaand en bij het sluiten van een franchiseovereenkomst
Dwaling omtrent prognose, vernietiging non-concurrentiebeding?
Dwaling omtrent prognose, vernietiging non-concurrentiebeding?