Disclaimers tegen te rooskleurige omzetprognoses bij franchise
Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde op 28 oktober 2025 (ECLI:NL:GHAMS:2025:3041) over een conflict tussen een franchisenemer van Mega Tegels en de franchisegever. De franchisenemer was ingestapt op basis van omzetprognoses die een snelle groei en een positief resultaat vanaf het eerste jaar voorspelden. In werkelijkheid bleven de omzetten structureel achter en ging de onderneming failliet. De curator en de oud-aandeelhouder stellen dat de prognoses nooit realistisch waren en dat de franchisegever wist dat nieuwe vestigingen doorgaans verlies draaiden in de beginfase.
Het hof houdt de deur nadrukkelijk open voor aansprakelijkheid van de franchisegever. Volgens het hof is niet doorslaggevend dat de prognose juridisch was “afgedekt” met disclaimers. Het gaat erom of de presentatie van de cijfers een eerlijk en realistisch beeld gaf. Als prognoses feitelijk misleidend waren, kunnen algemene voorbehouden de franchisegever niet beschermen. Daarom krijgt de franchisenemer nu de kans om bewijs te leveren voor zijn stelling dat Mega Tegels bewust een te positief beeld heeft geschetst — bijvoorbeeld doordat andere franchisenemers zouden zijn aangespoord gunstigere verhalen te vertellen.
Deze zaak laat zien dat prognoses bij franchise geen vrijblijvende belofte zijn. Franchisegevers moeten transparant zijn over risico’s en reële startresultaten, terwijl franchisenemers kritisch moeten doorvragen en cijfers laten toetsen. Waar een te rooskleurig beeld wordt gecreëerd, kan uiteindelijk aansprakelijkheid volgen — hoe mooi de prognose op papier ook leek. Disclaimers zijn niet altijd geldig.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Bewijslastomkering bij prognose als misleidende reclame?
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft in een kort gedingvonnis van 15 juni 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:3833, geoordeeld over een vordering tot (onder meer) schorsing van het non-concurrentiebeding.
Boete voor franchisegever omdat aspirant-franchisenemer vreemdeling is
De Raad van State heeft op 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1815, beslist over de vraag of bij de (voorgenomen) samenwerking tussen een franchisegever en een aspirant-franchisenemer, de franchisegever
Artikel in Entree: “Bedrijfsnaam”
“Ik heb een prachtige naam bedacht voor mijn horecaonderneming en heb hier de nodige kosten voor gemaakt. Nu is er een andere ondernemer die vrijwel dezelfde gaat gebruiken. Mag dat wel?”
Zorgplicht bank bij franchiseovereenkomsten
Het gerechtshof Den Haag heeft op 23 mei 2017, EQLI:NL:GHDHA:2017:1368, zich moeten uitlaten over de vraag of de bank een aspirant-franchisenemer had moeten waarschuwen, in verband met het
Artikel in Entree: “Op staande voet”
“Kan ik een werknemer op staande voet ontslaan als hij iets onbenulligs steelt, bijvoorbeeld etenswaren die over de houdbaarheidsdatum heen zijn?”
Arbitragebeding in franchiseovereenkomst soms onhandig
De rechtbank Gelderland heeft op 20 juli 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:4868 een uitspraak gedaan over de geldigheid van een afspraak in een franchiseovereenkomst, waarbij geschillen beslecht zouden worden




