Franchising en agentuur
Franchise-constructies kunnen soms elementen van agentuur bevatten. Concreet is hiervan sprake wanneer de franchisenemer bemiddelt bij het tot stand brengen van een transactie tussen de consument en de franchisegever en/of bemiddelt bij het tot stand komen van een transactie tussen de consument en een andere partij dan de franchisegever.
Gedacht kan onder meer worden aan constructies in de financiële dienstverlening, waarbij de franchisenemer bijvoorbeeld bemiddelt bij het tot stand brengen van hypotheken tussen de consument en een nader te noemen geldverstrekker (bank of verzekeringsmaatschappij, dan wel een andere geldverstrekker) of constructies waarbij franchisenemers zorg dragen voor het tot stand brengen van inleen- of uitzendovereenkomsten tussen de bemiddelde arbeidskrachten en (een grote) opdrachtgever.
Indien er sprake is van een typische franchisesituatie, te weten een situatie waarbij de franchisenemer zelf actief zijn producten verkoopt, en daarbij voorts ook marketing bedrijft, kortom een franchiseformule toepast, is de mededingingsregelgeving, zoals die voor alle franchiseverbanden geldt, ook van toepassing wanneer er sprake is van agentuurelementen in een franchiseconstructie. Franchisegever en franchisenemer dienen er dus op bedacht te zijn dat bij specifieke beëindigingsregelingen, tevens mededingingsrechtelijk correct dient te worden om te gaan met onderwerpen als exclusieve afname, exclusief gebied etcetera.
In de praktijk zijn de velden van agentuur en franchising goed te combineren, wanneer er van tevoren de specifieke elementen uit beide gebieden bedacht worden gecombineerd en met name tussen franchisegever en franchisenemer wordt gecommuniceerd.
Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten
Opheffing non-concurrentiebeding door franchisenemer
Opheffing non-concurrentiebeding door franchisenemer
Einde hoofdhuur betekent geen einde onderhuur met franchisenemer
Het gerechtshof te Den Bosch vernietigde op 7 juli 2015 een vonnis van de rechtbank Limburg over de samenloop van een franchiseovereenkomst en een onderhuurovereenkomst.
Kroniek Jurisprudentie franchiserecht 2014
Kroniek Jurisprudentie franchiserecht 2014
Advocaten Ludwig & Van Dam blikken terug op transitieproces C1000
Advocaten Ludwig & Van Dam blikken terug op transitieproces C1000
Gerechtshof kent beroep op dwaling en onrechtmatig handelen toe bij ondeugdelijke prognose
De franchisenemer vorderde vernietiging van de franchiseovereenkomst wegens dwaling, omdat de franchisegever een ondeugdelijke prognose voorgehouden zou hebben.
Bestuurdersaansprakelijkheid inzake franchising: misleiding of samenwerkingsplan
Bestuurdersaansprakelijkheid inzake franchising: misleiding of samenwerkingsplan