Prognoses zijn geen garanties

Een franchisegever is niet verplicht om omzetprognoses te geven, maar doet dat vaak wel om aspirant-franchisenemers te helpen bij hun beslissing of financiering. Zo’n prognose kan waardevolle informatie bieden, maar vormt géén garantie. Dat de werkelijke omzet tegenvalt, betekent op zichzelf niet dat de prognose ondeugdelijk of onrechtmatig was. De rechtbank Amsterdam deed hier op 10 september 2025 (ECLI:NL:RBAMS:2025:6829) een uitspraak over.

Sterk achterblijvende prognoses
In de uitspraak van de rechtbank Amsterdam was aan de orde dat de omzet van een vestiging van De Pizzabakkers ver achter bleef bij de verwachting. De franchisenemer stelde dat de locatie onrendabel was en dat hij door verkeerde prognoses had gedwaald. De rechtbank wees dat af. Uit onderzoek bleek dat het wél mogelijk was om op die plek rendabel te exploiteren, en de franchisenemer had geen concrete fouten in de prognose aangetoond.

Praktische lessen
Franchisenemers die menen dat een prognose misleidend is, moeten duidelijk maken waarom die fout is — bijvoorbeeld met deskundig onderzoek. Franchisegevers doen er goed aan transparant te zijn over de uitgangspunten van hun berekeningen. Zo voorkomt men dat tegenvallende resultaten later leiden tot juridische discussies.[/fusion_text]

mr. A. Mikkers - advocaat
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar mikkers@ludwigvandam.nl

Andere berichten

Franchisegever in de zorg is geen zorgaanbieder

De Wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen Zorg (WKKGZ) schept de mogelijkheid dat van overheidswege maatregelen worden opgelegd aan zorginstellingen om de benodigde kwaliteit van de zorg te waarborgen.

Het klantenbestand van de franchisenemer

Als de samenwerking tussen een franchisenemer en een franchisegever eindigt, kan de vraag opkomen wie de klanten zal blijven bedienen.

De herstructurering binnen de formules van Intergamma in juridisch perspectief

De juridische werkelijkheid is soms weerbarstiger dan de feitelijke. De geruchtmakende kwestie bij Intergamma is daar een mooi voorbeeld van.

Non-concurrentiebeding bij verkoop franchiseonderneming

Hoe scherp dient een non-concurrentiebeding te zijn bij de verkoop van een franchiseonderneming aan de franchisegever? Die vraag was aan orde in een geschil waarin de rechtbank Gelderland op

Franchisegever faalt met beroep op non-concurrentiebeding

Alhoewel een non-concurrentiebeding in een franchiseovereenkomst geldig geformuleerd is, kan er toch een situatie ontstaan die dermate diffuus is dat de franchisegever er geen beroep op kan doen.

Ga naar de bovenkant