Rayonafspraken redding franchisevestiging van beëindiging huur
De rechtbank Amsterdam oordeelde op 23 oktober 2025 (ECLI:NL:RBAMS:2025:7890) dat een verhuurder de huur van een 290-bedrijfsruimte niet kon beëindigen wegens vermeend dringend eigen gebruik.
De (hoofd)huurder was de franchisegever. De onderhurende franchisenemer had zich in de procedure gevoegd aan de zijde van de franchisegever. Aan de verhuurder werd onder meer tegengeworpen dat de franchisenemer niet zomaar naar een andere locatie kan uitwijken. Binnen de formule gelden namelijk rayon- en locatieafspraken met andere franchisenemers, waardoor het openen van een nieuwe vestiging binnen hetzelfde gebied contractueel is uitgesloten. Zelfs als een alternatieve locatie beschikbaar zou zijn, zouden de franchisegever en de franchisenemer daar door deze afspraken geen nieuwe vestiging mogen openen.
De kantonrechter kijkt niet alleen naar de positie van de franchisegever, maar weegt ook expliciet de belangen van de franchisenemer mee. Deze is volledig afhankelijk van de huidige locatie voor zijn inkomen, terwijl de formule door rayon- en locatieafspraken feitelijk geen reële verplaatsingsmogelijkheid heeft. Tegelijkertijd waren de plannen van de verhuurder voor eigen gebruik onvoldoende concreet. Er was geen uitgewerkt concept van de beoogde herontwikkeling, geen enkel zicht op kosten of verbouwing en geen duidelijkheid over benodigde vergunningen.
Onder deze omstandigheden wegen de belangen van de exploitant zwaarder dan het onvoldoende onderbouwde beroep op dringend eigen gebruik. De opzegging strandt.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Schending zorgplicht tast exoneratie aan
In een geschil over een beroep op exoneratiebeding in de franchiseovereenkomst door de franchisegever, is overwogen dat rekening gehouden dient te worden met de aard van de franchiseovereenkomst
Supermarktbrief – 5
Verwerving supermarktlocatie door opzegging huurovereenkomst ten koste van zittende huurder mag van Hoge Raad.
Verwerving supermarktlocatie door opzegging huurovereenkomst ten koste van zittende huurder mag van Hoge Raad
Op 25 april 2014 heeft de Hoge Raad ten tweede male bevestigd dat de wachttijd van drie jaar bij opzegging van de huurovereenkomst winkelruimte wegens dringend eigen gebruik na koop van het onroerend
Eenzijdige collectieve fee-verhoging door franchisegever ongeoorloofd
In een belangwekkende uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 23 april 2014, lag de vraag voor of een franchisegever een verhoging van een bijdrage mocht doorvoeren.
Belangen Vereniging Franchisenemers Nederland (BVFN) voert nader overleg met de Minister
Op 16 april 2014 heeft het al aangekondigde gesprek tussen de Belangen Vereniging Franchisenemers Nederland (BVFN), en het Ministerie van Economische Zaken plaatsgevonden.
Exoneratie zorgplicht bij prognose franchisegever
In een uitspraak van de rechtbank Overijssel van 9 april 2014, kwam de interessante vraag aan de orde of een samenwerking als franchise gekwalificeerd diende te worden.
