Column Franchise+ – mr. J Sterk: “Rechtbank veroordeelt fastfoodketen tot verlenging franchiseovereenkomst

Het recht op verlenging van de franchiseovereenkomst 

De zaak speelt begin dit jaar. De franchisenemer weigert al jaren de bij verlenging aangeboden nieuwe franchiseovereenkomst te ondertekenen aangezien deze een verslechtering van zijn rechtspositie met zich mee zou brengen. De franchisegever acht de bestaande franchiseovereenkomst echter verouderd en streeft uniformiteit na. De franchisenemer wil met zijn advocaat echter eerst over de inhoud onderhandelen. De franchisegever ziet dat niet zitten en wijst erop dat door het ontstane conflict en de inmenging van de advocaat daarenboven geen vruchtbare samenwerking meer mogelijk zou zijn. Daarop beëindigt de franchisegever de franchiseovereenkomst. De franchisenemer start daarop een kort geding. De rechtbank is van oordeel dat de franchisegever te kort door de bocht is gegaan en met de franchisenemer en zijn advocaat wel had moeten onderhandelen over de voorwaarden van verlenging. De franchisegever wordt veroordeeld de franchiseovereenkomst te verlengen totdat in een kennelijk nog te starten bodemprocedure onherroepelijk is beslist en dat kan, inclusief een hoger beroep en mogelijk zelfs cassatie, jaren duren.

Download dit artikel

Andere berichten

Franchisegever in de zorg is geen zorgaanbieder

De Wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen Zorg (WKKGZ) schept de mogelijkheid dat van overheidswege maatregelen worden opgelegd aan zorginstellingen om de benodigde kwaliteit van de zorg te waarborgen.

Het klantenbestand van de franchisenemer

Als de samenwerking tussen een franchisenemer en een franchisegever eindigt, kan de vraag opkomen wie de klanten zal blijven bedienen.

De herstructurering binnen de formules van Intergamma in juridisch perspectief

De juridische werkelijkheid is soms weerbarstiger dan de feitelijke. De geruchtmakende kwestie bij Intergamma is daar een mooi voorbeeld van.

Non-concurrentiebeding bij verkoop franchiseonderneming

Hoe scherp dient een non-concurrentiebeding te zijn bij de verkoop van een franchiseonderneming aan de franchisegever? Die vraag was aan orde in een geschil waarin de rechtbank Gelderland op

Franchisegever faalt met beroep op non-concurrentiebeding

Alhoewel een non-concurrentiebeding in een franchiseovereenkomst geldig geformuleerd is, kan er toch een situatie ontstaan die dermate diffuus is dat de franchisegever er geen beroep op kan doen.

Ga naar de bovenkant