Verzekerd en wel
Een enkele keer bevat een franchise-overeenkomst een beding dat de franchisenemer verplicht een rechtsbijstandsverzekering af te sluiten. Op zichzelf genomen komt daarbij de gedachte op dat dit beding wellicht te vergaand is in het kader van de juridische en economische zelfstandigheid van de franchisenemer. Daarnaast is het aan de franchisenemer zelf zich al dan niet verzekerd te houden voor het geval hij zich voor rechtsbijstand dient te verzekeren. Toch is het niet onverstandig een dergelijk beding in de franchise-overeenkomst op te nemen, vermits dit is toegestaan in het kader van de zelfstandigheid c.q. indien dit bijdraagt tot een verhoogd risico met betrekking tot een verkapte werkgever/werknemerrelatie (fictieve dienstbetrekking). Om hiervan verzekerd te zijn dient vooraf goedkeuring te worden verzocht aan de relevante uitvoeringsinstelling. Ervan uitgaande dat het beding in orde is, waarborgt een dergelijke clausule immers de franchisenemer bij zwaar weer. Hierbij dient nadrukkelijk overwogen te worden dat het overgrote deel van de gevallen waarin de franchisenemer een beroep dient te doen op rechtsbijstand in het geheel niet te maken heeft met de relatie met de franchisegever. Ook in dergelijke situaties biedt een adequate rechtsbijstandsverzekering echter wel een waarborg voor alle betrokkenen. Statistisch komt dit in de praktijk echter weinig voor, in relatie tot alle overige juridische problemen die een franchisenemer kunnen overkomen. Hierbij valt onder meer te denken aan arbeidsgeschillen met personeel, huurproblemen, of bijvoorbeeld problemen met de gemeente in verband met vergunningen etcetera. Een goed franchisegever anticipeert ten bate van zijn franchisenemers door hen mee te geven dat zij zich voor de meeste vormen van rechtshulp kunnen verzekeren. Vanzelfsprekend is de kwaliteit van die rechtshulp en dus van de rechtsbijstandsverzekeraar van groot belang. Hierbij dient niet alleen te worden gekeken naar de premie, maar bovenal naar de polisvoorwaarden.
Terzijde zij overigens opgemerkt dat een franchisegever zich kan verzekeren voor de meeste geschillen die hem kunnen overkomen. Ook hierbij is echter van eminent belang dat zorgvuldig wordt geïnventariseerd voor men verzekerd is, onder welke voorwaarden en of een (gespecialiseerd) advocaat desnodig de kwestie kan behandelen.
Ludwig & Van Dam franchise advocaten, franchise juridisch advies

Andere berichten
Bewijslastomkering bij prognose als misleidende reclame?
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft in een kort gedingvonnis van 15 juni 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:3833, geoordeeld over een vordering tot (onder meer) schorsing van het non-concurrentiebeding.
Boete voor franchisegever omdat aspirant-franchisenemer vreemdeling is
De Raad van State heeft op 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1815, beslist over de vraag of bij de (voorgenomen) samenwerking tussen een franchisegever en een aspirant-franchisenemer, de franchisegever
Artikel in Entree: “Bedrijfsnaam”
“Ik heb een prachtige naam bedacht voor mijn horecaonderneming en heb hier de nodige kosten voor gemaakt. Nu is er een andere ondernemer die vrijwel dezelfde gaat gebruiken. Mag dat wel?”
Zorgplicht bank bij franchiseovereenkomsten
Het gerechtshof Den Haag heeft op 23 mei 2017, EQLI:NL:GHDHA:2017:1368, zich moeten uitlaten over de vraag of de bank een aspirant-franchisenemer had moeten waarschuwen, in verband met het
Artikel in Entree: “Op staande voet”
“Kan ik een werknemer op staande voet ontslaan als hij iets onbenulligs steelt, bijvoorbeeld etenswaren die over de houdbaarheidsdatum heen zijn?”
Arbitragebeding in franchiseovereenkomst soms onhandig
De rechtbank Gelderland heeft op 20 juli 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:4868 een uitspraak gedaan over de geldigheid van een afspraak in een franchiseovereenkomst, waarbij geschillen beslecht zouden worden




