Hoe beschermt de Wet franchise beginnende franchisenemers?
Het starten van een eigen onderneming is in vrijwel alle gevallen een besluit dat grote veranderingen met zich meebrengt. De startende ondernemer ziet zich geconfronteerd met grote onzekerheden en risico’s, maar krijgt daarvoor een mogelijkheid om voordeel te behalen uit zijn eigen onderneming. De keuze om de onderneming te starten is een afweging tussen de voordelen en risico’s. Daarom is het van het grootste belang om over voldoende informatie te beschikken om deze afweging te kunnen maken. Alleen op basis van alle relevante informatie kan een verstandig ondernemer de juiste keuze maken. Hij, of zij, zal daarom zoveel mogelijk informatie moeten verzamelen om tot een weloverwogen beslissing te kunnen komen.
In het vakblad Franchise+ is een artikel verschenen dat hierover gaat. Het artikel kunt u HIER downloaden.
Ludwig & Van Dam advocaten, franchise juridisch advies.
Wilt u reageren? Mail dan naar dolphijn@ludwigvandam.nl

Andere berichten
Verplichte (marktconforme) inkoopprijzen voor franchisenemers
In hoeverre kan een franchisegever afspraken wijzigen over de (marktconforme) inkoopprijzen van de goederen die de franchisenemers verplicht zijn in te kopen?
Bestuurdersaansprakelijkheid van een franchisenemer na falend beroep op ondeugdelijke prognose.
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 11 juli 2017 een beslissing genomen over de vraag of de franchisegever met succes de bestuurder van een b.v. kon aanspreken voor het niet-nakomen van de
Aansprakelijkheid accountant voor opgestelde prognose?
In een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 11 juli 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:3153, was aan de orde dat franchisenemers de accountant van de franchisegever verweten aansprakelijk te zijn
Hoe ver strekt de zorgplicht van de bank?
In de rechtspraak is enige tijd geleden de vraag aan de orde geweest wat de positie van de bank is in de driehoeksverhouding franchisegever – bank – franchisenemer.
Bewijslastomkering bij prognose als misleidende reclame?
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft in een kort gedingvonnis van 15 juni 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:3833, geoordeeld over een vordering tot (onder meer) schorsing van het non-concurrentiebeding.
Boete voor franchisegever omdat aspirant-franchisenemer vreemdeling is
De Raad van State heeft op 5 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1815, beslist over de vraag of bij de (voorgenomen) samenwerking tussen een franchisegever en een aspirant-franchisenemer, de franchisegever




